|
We kunnen niet eeuwig blijven plakken in El Nido. En trouwens binnen 2 weken komen onze goede vrienden Ellen en Koen... We gaan elkaar ontmoeten op het eiland Biliran / Leyte, de hele andere kant van het land. Dus we hebben nog wel wat kilometertjes te overbruggen. Maar zover is het nog niet ... eerst nog een romantisch diner'tje bij kaarslicht op het strand, met de voeten in 't zand en het rustgevende geluid van de branding op de achtergrond.
En dan op naar Port Barton. De weg erheen is schitterend maar vermoeiend voor ons gat ... een oranje gravelweg voert ons door het prachtige binnenland van Palawan. Fel groene rijstvelden wisselen af met bananen - en kokosplantages en aangezien het hier weer wat heuvelachtig is, ontbreken de mooie vergezichten over de vele baaien niet. Port Barton is een klein vissersdorpje waar van toerisme amper spraken is. Het hele strand voor onszelf en de landelijke sfeer die in het zanderige kustdorpje heerst, maakt het een leuk plaatsje om enkele dagen te vertoeven. Ideaal plekje om onze neus nog eens in de reisgids te steken en de verdere route te bepalen. Hoe langer je aan 't reizen bent, zoveel te nonchalanter je hierin wordt en de dagen gewoon neemt zoals ze komen en ... we zien wel. Een heerlijke manier van leven is dat!
Bohol wordt het volgende eiland.
Vanuit Puerto Princessa (hoofdstad Palawan) nemen we 's anderdaags een vlucht naar Cebu om van daaruit dan met een ferrie Bohol te bereiken. We stellen ons geluk nog eens op de proef en gingen recht van de luchthaven naar de kade van de ferries en ja hoor, alweer zonder iets op voorhand te boeken zaten we 2 uren later op een nachtferrie. De 4 uur durende vaart leverde ons toch enkele minuten nachtrust op. Want aangezien we om 2 uur 's nachts arriveerden in Bohol, besloten we maar in de haven te wachten tot het licht werd om dan met een tricycle naar Panglao Island te gaan (dus meer slaap zat er die nacht niet in). Hier zoeken we een leuk en rustig gelegen hutje waar we weer een dag of 6 verblijven. Geen enkele wolk aan de lucht een kei heet! Wat doet een mens dan ... niet te veel he! Na enkele weken Filippijnen hebben we toch al redelijke zeemansbenen gekregen (Leen heeft er nogal werk mee die te ontharen) en bezoeken dus nog wat kleinere idyllische eilandjes die gelegen zijn rondom het hoofdeiland. Vroeg in de morgen tijdens de zonsopgang wordt ons bootje vergezeld door verschillende groepen dolfijnen. 1 eiland schoot er weer torenhoog boven uit, Virgin Island ... inderdaad maagdelijk mooi. Een piepklein perfect rond eilandje waar je in een kleine 10 minuten volledig rondwandelt. In 't midden glunderen enkele hoge palmen en aan beide uiteinden een smalle zandbank in de vorm van een halve maan van wel enkele honderden meter lang die dan uiteindelijk in een spitse punt eindigt in de fel groene zee. De perfectie zelf! Toch weer helemaal anders dan de eilanden rond Palawan. Dus nee hoor ... het wordt helemaal niet saai.
Deze morgen lagen we plat op onze rug op 't strand, MP3-speler op ... Nog maar eens het besef en stilstaan bij het feit dit toch wel 6 unieke maanden van ons leven zijn. Niet alleen de verschillende landen en ervaringen die we beleefd hebben, maar deze manier van leven! Ons normaal en realistisch leven staat al een tijdje stil. Het enige waar momenteel wat beweging in zit, is de zon die langzaamaan van de linkerhoek van mijn zonnebril verder glijdt naar de rechterhoek van mijn zonnebril ... de palmbladeren die heen en weer wuiven in het lichte zeebriesje en zich fel aftekenen tegen de egaal blauwe lucht ... de zweetdruppels die kriebelend over m'n lichaam rollen ... Het doet je nadenken dit te mogen meemaken.
't Is nog eens tijd voor iets anders en ruilen zon zee strand voor een plekje in de jungle in het binnenland van Bohol. 3 km stroomopwaarts vanuit Loboc nemen we intrek in een zeer sober hutje naast de rivier, volledig geintegreerd in deze dichte jungle. Zoveel tinten groen, geluiden en zoveel bizarre insekten. En Mika, dit had je moeten zien... het eerste dier dat ons pad kruiste was een kei grote iguaan met z'n kraag recht omhoog. De stilte van overdag verandert 's nachts in een oorverdovend samenspel van natuurgeluiden. Heerlijk hierbij in slaap te dommelen onder het muskietennet dat we op deze plek toch wel zo hermetisch mogelijk proberen af te sluiten. Ook ons eten geven we aan de eigenaars die hiervoor een speciale kast hebben, kwestie van geen ongewenste dieren aan te trekken in je hut.
Tijdens ons ontbijt met zicht op deze overweldigende groene pracht maken we ons een bedenking: stel je voor dat ze ook hier zoals bij ons in de lagere school bladeren moeten verzamelen en drogen tussen een telefoonboek. Die gigantisch grote bananen - en palmbladeren, die reusachtige voor ons onbekende tropische planten ... 't zou nogal een opdracht zijn voor die kinderen. Alles hier in de jungle is zoveel groter.
Op Bohol bezoeken we natuurlijk ook de Chocolat Hills, een apart natuurfenomeen. Meer dan 1000 perfect symmetrische heuvels van 60 tot 120m hoog zorgen voor 1 van de meest gefotgrafeerde plaatjes in de Filippijnen. Die dag was er veel bewolking en kwamen de hills niet zo postkaart-perfect over, maar toch wel bizar om te zien. Je kan het een beetje vergelijken met zo'n maxi doos melocakes (negerinnetetten) van Milka, maar dan in 't groen. En dan vraag je je af vanwaar de naam 'chocolat'?
Ook een bezoek aan het natuurpark(je) waar de allerkleinste aapjes ter wereld leven mocht niet ontbreken ... de tarsiers. Ze worden niet groter dan 10 cm en lijken wel een kruising van ET, een gremlin en een rat. Voeg hierbij nog de ogen van een dolle koe die te veel amfetamines heeft gepakt en je verkrijgt een tarsier.
Ondertussen nog 1.5 halve week vooraleer we Ellen en Koen gaan ontmoeten en besluiten deze periode nog op het eiland Negros door te brengen.
|