Reisverhaal «Wetteren - Roeselare - Bambecque»
Noordzeetrappelen
|
Frankrijk
|
1 Reacties
28 Juni 2020
-
Laatste Aanpassing 30 Juni 2020
Noordzeetrappelen
Toen Inge en ik samen aan de infobalie stonden tijdens de fiets- en wandelbeurs klikte het zo goed tussen ons dat we besloten om samen eens een fietsvakantie te organiseren.
Dit zaadje kiemde uit tot het plan om de Noordzeeroute te fietsen.
We spraken af in Aalst. Na een gloedhete week waren de verwachtingen voor een hittegolf groot. Op de bewuste vrijdagavond was de hitte al héél wat minder, er vielen zelfs al bakken uit de lucht in West-Vlaanderen en dat waren geen bakken oud-bruin of rood-bruin van hun lekkere bieren, maar regen.
Aan het escargot kot in Aalst troffen we elkaar en navigeerden we onze stalen rossen richting Wetteren. We hoopten de regen voor te zijn.
Na 30 km trappelen daalden de eerste druppels op onze blote ledematen. Ria woont tussen de laatste twee knooppunten en ik herkende de streek, wist dat ik in de buurt was, maar met mijn oriëntatie vermogen als een vis in een bokaal vroeg ik toch maar raad aan mijn Google madam. Slechts 3 km zaten we van ons target, dus regenjas is niet nodig.. euh.. toch wel.. euh.. we kregen zelfs nog wat tromgeroffel als welkomsgeschenk. Kletsnat reden we de oprit op bij Ria. Gelukkige had mijn beste vriendin medelijden met ons en mochten we binnen slapen. De volgende ochtend vertrokken we na een gezellige yoga en een lekker ontbijt met bijhorende babbel richting knooppunt 67.. maar een raar gerammel stuurde me richting inspectie van Dolf. Het gevolg was dat we vijf minuten later bij de fietsenmaker stonden waar ik vertelde dat ik een vijs kwijt was. Met een nieuwe vijs voor Dolf reden we verder naar Roeselare. De weg verliep nat, droog, nat en net op tijd parkeerden we Surly en Dolf in de tuin en van Bram en wipten Inge en ik zijn veranda binnen. Bram is een Vakantiefietser en hij ontving ons in zijn tuin maar ook binnen in huis wegens de plensbuien die een gezellige picknick dwars stond. Bram maakte het ons gezellig met zijn verhalen over zijn kanotocht en zijn droom die hij ons helemaal uiteen zette aan de hand van zijn prachtige muurvullende landkaart die ons deed terugdenken aan vervlogen jaren toen we als pipi langkousjes in de schoolbanken zaten. Dankzij de onophoudelijke regen mochten we in de saunahut slapen die onze gezellige vriend in de tuin had staan. We sliepen er een heerlijke nacht en na het ontbijt vertrokken we richting Frankrijk terwijl we iedere treurwilg aanwezen en riepen 'Bram'.. tja Bram zo denken wij telkens aan jou 😉. Net voor de grens genieten we nog op de valreep van een goede Sint Bernardus met een streektaart: een grote tip met meringe, ijs, crème en een poepescheetsen. Heerlijk! Onze knooppunten zijn op, dit betekent dat we de grens over zijn en plots zien we vlugger dan verwacht een 'Noordzeeroute-bord'. We zitten dus al op de juiste weg naar Boulogne sur mer. We trappelen en trappelen en hebben het gevoel dat we al 100 km hebben gefietst, maar telkens als we Google raadplegen zegt die madam dat we nog drie uur moeten fietsen.. na drie uur vechten tegen de wind zegt ze hetzelfde ook al zijn we drie uur later, het lijkt erop dat we niet vooruit geraken. Ons afvragen of we verkeerd zitten is niet nodig want we voelen gewoon dat we juist zitten. Wind op kop betekent op weg naar Boulogne sur mer. We worden het beu en gaan op zoek naar een camping, maar na drie telefoons horen we dat étrangers wegens de Corona niet welkom zijn. We rijden dan maar de eerste de beste verlaten boerderij op en weer af, op naar de volgende verlaten, tot we het gevoel krijgen dat wij de enige zijn die in dit hondenweer zitten te ploeteren. En dan hebben we prijs.. alhoewel.. de boerin - een betere omschrijving kunnen we niet uitvinden - zegt ja. Of deed ze enkel knikken? Tegen de lawaaierige straatkant, op een winderig heuveltje nemen we verschillende pogingen om onze tentharingen in de grond te krijgen tegelijkertijd met een techniek van handen, voeten en andere ledematen die we gebruikten om te voorkomen dat onze tent de lucht inging. Als dit een examen tent-opzetten was, wel.. er zouden er veel mogen terugkeren voor een tweede zit. Plassen op de heuvel aan een drukke straat en voor het raam van de boerin was geen optie, dus trokken we richting kerkhof waar we ons lieten verleiden door een vettig pak friet. Moe en verbrand van de wind kropen we voor het donker onze tent in. Nee volgens mij woont hier God niet alleen een norse boerin, zonder water en wc.