Reisverhaal «Op z'n pootjes»

Dominicaanse republiek | 1 Reacties 23 Augustus 2019 - Laatste Aanpassing 23 Augustus 2019

Het begint allemaal op zijn pootjes te vallen. De tafel, de kat, het bed, de frigo en de zetel. Het is liefde op het eerst zicht met de blauwe zetel met gele kussens. Ik had het in mijn hoofd en in de tweede winkel waar ik kom, stond hij daar te blinken, precies zoals ik het in gedachten had. Wat een super fijn moment! Uiteraard moet er nog wat over de prijs worden gediscussieerd, maar dat loopt vlot. Ik koop een kleine frigo, vier stoelen, een ventilator (belangrijk!) en een gasvuur. Dan begint het: gasvuur. Mmm.. hoe gaat dat? Dat is een dus een gasfles kopen, gaan vullen in een gas-tankstation, een speciale buis die van de gasfles naar het vuur moet (hoe lang moet die dan zijn?), tsjoepkes om alles vast te maken, een veiligheidskraan (of weet ik veel waarvoor dat dat dingkes dient). De gasfles komt op het dakterras te staan en de buis gaat door twee gaatjes in de muur en door een kastdeur. Netjes. Ik krijg gelukkig hulp met alles, van de buren, de mensen van de meubelwinkels, de huisbaas en een vriend. Op een of andere manier lukt me dat toch steeds zonder veel te moeten vragen. Dan ga ik naar El Maná, die Blokker/Casa van Mao. Daar koop ik wat benodigdheden: een vuilbak, douchegordijn, vrolijke gekleurde borden, lampjes, glazen, kuisgerief, …

  In België had ik veel opgeruimd. In de zomer heb ik altijd mijn opruimbui. Voor mij is dat een soort therapie om mijn hoofd vrij te maken. Er zijn altijd nog spullen die ik niet gebruik, die ik weggeef, die naar het containerpark kunnen of, als ze nog bruikbaar zijn, naar de Kringloopwinkel. In die opruimbui vond ik mijn oude posters van vroeger terug. Een paar van ballerina’s en een van Marilyn Monroe. Ik heb veel decoratiespullen meegenomen uit België: zwart-wit fotokaartjes, de posters, vlaggetjes, kaartjes, … Een eigen, gezellige plek vinden en creëren is mijn belangrijkste prioriteit op dit moment en het is goed aan het lukken. Ik ga stof kiezen om mijn gordijnen te laten maken en hang de vlaggetjes en posters op. Ik heb ook mijn accordeon en gitaar mee. Die krijgen ook een plekje. Ik kan niet veel op de accordeon, maar hier is de diatonische accordeon een hoofdinstrument in de merengue en bachata típico. Binnenkort wil ik proberen een leraar of lerares te vinden, maar dat kan later nog.

Zaterdagavond ga ik naar Guayubincito, een dorpje waar de grootste bananenfinca (boerderij) van Fresh Fruit is. Vorig jaar heb ik daar een aantal mensen leren kennen via Janne, een Belgisch meisje die haar thesis daar deed. Zij woonde samen met mij in het appartement en nam me mee naar het dorpje en we gingen er dansen met de mensen daar. Ondertussen ben ik goed bevriend met Jenni en Nelsidad, twee zussen. Nelsidad is hoogzwanger. Ik wil haar nog zien voor het meisje er is. Ze gaat Janna noemen, naar Janne, onze vriendin dus. Het dorpje ligt ongeveer een uurtje rijden van Mao. Ik rij met met Erick op zijn moto. Tegen negen uur ’s avonds zijn we er. Het zijn patronales (jaarlijkse dorpsfeesten) in het dorp. De lokale muziekgroep treedt op in het midden van de hoofdstraat. Mensen van de naburige dorpen komen ook kijken, dansen, drinken en ontmoeten. De liedjesteksten worden aangepast aan de namen van de toeschouwers. Ik word vermeld als ‘la rubia, amiga de Jenni’ (de blondine, vriendin van Jenni). Het is heel fijn om ze terug te zien. Het voelt heel vertrouwd en toch ook anders. Door even terug in België te zijn, kijk ik weer met andere ogen naar het hele gebeuren. Er wordt volop gedanst en Presidente (het grootste Dominicaanse biermerk) gedronken. Ik blijf bij Jenni slapen. Ze woont in een klein huis bij haar ouders. Er zijn geen deuren in het huis. Enkel een voor- en een achterdeur. Er zijn ook geen verdiepingen. Het dak is van golfplaten. Ze wonen heel eenvoudig en toch is het een thuis. Haar ouders zijn ontzettend hartelijk. Ondanks de muziek die de hele nacht blijft gaan en de hitte, slaap ik heerlijk. Zondagmorgen word ik vrij vroeg wakker. Elk geluid hoor je, want er zijn dus geen deuren. De slaapkamers worden afgebakend met doeken. Ik was me en sta op. Nelsidad is al in huis. Ze ziet er goed uit en gelukkig. 

Janne

Heel trots laat ze haar koffer zijn met babyspulletjes. Ik geef haar haar cadeautje waar onder andere een schattige, gele jumpsuit met bananen erop, inzit. Zelf heb ik toevallig ook een geel jumpsuit aan, dus ze moeten lachen. ’s Middags is er rijst met kip. De portie rijst die me opscheppen is voor vier personen volgens mij. Ze vinden dat ik te weinig eet. Ik probeer genoeg te eten om beleefd te zijn zonder me al te veel te overeten. In de namiddag ga ik naar Martin Garcia, het dorp aan de overkant van de rivier waar Erick woont. Lily, mijn kat die ik vorig schooljaar had, woont bij hem. Als ik aankom en haar roep, komt ze naar me toe. Dat ontroert me. Ze kent me nog! Ze is heel groot geworden en ziet er echt prachtig uit. Una princessa de verdad (een echte prinses). In de vroege avond ga ik terug naar Mao. Erick brengt me naar de ‘bushalte’ (het kruispunt waar normaal gezien de bussen stoppen). Het is wachten tot er een komt. Uiteindelijk doet Erick een vrachtwagenchauffeur stoppen en vraagt of ik een lift kan krijgen tot Mao. Het is een gezellige rit. De man vertelt me over zijn leven, zijn kinderen en zijn werk. Ik vertel hem over mijn leven, mijn kat en mijn werk. Hij koopt me een drankje en zet me af aan mijn appartement. Er is nog geen elektriciteit in het appartement en het is zondag. Gelukkig is de huisbaas zo vriendelijk om me van energie via een verlengdraad te voorzien. Het was een fijn weekend.


Maandag begin het werken. Loly en ik hebben een gesprek met alle ouders om de beurt. We leggen uit welke materialen ze moeten voorzien, stellen vragen, laten hen het inschrijvingscontract lezen en ondertekenen, leggen hen uit

 wanneer de rapporten zijn, wie welke vakken gaat geven en hoe het huiswerk verloopt. Sommige ouders vertellen over hun vakantie in the USA en dat ze zo trots waren dat hun kind hun neefjes en nichtjes die alleen Engels kunnen, kon verstaan en voor hen kon vertalen wat er in de winkels en op restaurant werd gezegd. We zijn non stop bezig van half acht tot drie uur. Tegen het einde weet ik niet meer wat ik al gezegd heb tegen wie. Loly en ik zijn heel goed op elkaar ingespeeld gelukkig, dus het gaat steeds vlotter. Na school regel ik mijn elektriciteit. Tegen vijf uur heb ik licht! Hoera! Tegen zes uur is het weer weg. Heel Mao ligt plat. Er zijn grote werken aan de stuwdam en niemand heeft elektriciteit. Ik ga pasta eten bij Aneurys en zijn esposa. Una esposa is een getrouwde vrouw, maar in de Dominicaanse Republiek zeggen ze dat je getrouwd bent als je samenwoont. Veel mensen hebben geen geld om te trouwen, dus als ze samen gaan wonen, is dat voor hen getrouwd zijn. Aneurys is een companero de trabajo (collega) van Erick. Ik ken hem al sinds vorig jaar. 

Hij woont ook in Mao en speelt ook graag kaartspelen. Aangezien er geen elektriciteit is, spelen we geen kaart, maar eten we wel pasta. Hij kan best goed koken, maar ik blijf maïs in pasta toch raar vinden.

Dinsdag begint het school echt. Het is heel fijn om de kinderen terug te zien. Ze zijn ook blij dat ik er weer ben. Ze zijn -uiteraard- veel gegroeid. Ik ben best trots op hun niveau van Engels. Er zitten twaalf kinderen in de eerste klas (die dus nog geen Engels spreken), drie in de tweede klas en zes in de derde klas. De tweede en derde klas is een graadsklas en hebben alle vakken samen. De rest van de week organiseren we de materialen, voorzien we alles van naam, leren we de schoolbenodigdheden benoemen in het Engels en enkele voorzetsels (in the pencil case, on the desk, behind the chair…), oefenen we op in de rij staan (wat een werk!) en leren we klasregels. Dat is voorlopig genoeg voor deze week. In de namiddag is het erg warm en hebben de kinderen geen of te veel energie. We zitten met z’n allen in een klein klaslokaal met zo goed als geen beweegruimte, dus besluiten Loly en ik dat we veel gaan buiten spelen de eerste periode. Tot dat het nieuwe gebouw klaar is. Dat kan nog wel even duren. We doen wat we kunnen.

Ik vind het heerlijk om na het werk thuis te komen in mijn appartementje. Ik heb ondertussen ook een klein katje. Ze heet Luna. De sportleraar kwam maandag, tijdens een van de oudergesprekken opeens met de kat in een doos naar me toe. Ik wilde het katje later op de week gaan halen, maar ik kon toen geen ‘nee’ zeggen. Luna is het appartementje stilaan gewoon aan het worden en heeft al zo haar plekjes om te dutten. Ze is nog heel klein, maar heeft duidelijk karakter. Ze is het halfzusje van Lily en heeft ook wat van Lily’s rossige kleur.

Morgen is het vrijdag en dan is het al weer weekend. Het is een drukke, eerste periode. Maar dat is altijd wel in het begin van het schooljaar. In België zal dat er ook stilaan beginnen aankomen, denk ik. Daarna wordt het wel weer rustiger en krijgt alles meer vorm, stabiliteit en rust. We zijn alvast goed vertrokken.

Tot schrijfs en veel liefs,

Emma

Av. Heroes de la Barranquita numero 25

Apartemento 24

61000 Mao Valverde

Republica Dominicana 

--

--

Spaanse woorden

Una princessa – een prinses

Una finca – een boerderij

La luna – de maan (en mijn katje)

Una esposa/un esposo – een getrouwde vrouw/man

Un companero de trabajo – een collega

 

Print Friendly and PDF

 

 

 

 

Plaats een Reactie

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking