Reisverhaal «Kampot»
De wereldreis
|
Cambodja
|
0 Reacties
25 Maart 2017
-
Laatste Aanpassing 22 April 2017
Kampot is een rustig stadje aan een rivier en vooral het bezoeken waard voor zijn omgeving. Langs de ene kant heb je heuvels die tot 1000 meter hoogte reiken en langs de andere kant is de grond zo vlak als iets, maar zeer vruchtbaar. We verbleven een beetje buiten het centrum, maar betaalden dan ook maar 8 euro voor een kamer die echt wel in orde was. We slenterden een dag in het centrum rond en bezochten leuke eet- en drinkgelegenheden. Ons geluk kon niet op toen we een echte Belgische bakker tegenkwamen. Na een fijn praatje kochten we een overheerlijk brood waar we nog twee dagen plezier van hadden met het op te eten.
De tweede dag hadden we goed volgepland. In de voormiddag reden we de heuvels in en kregen prachtige uitzichten op de omgeving met in de verte de zee. Het was er ook aangenaam qua temperatuur. En zo dachten de Fransen er ook over toen ze vroeger Cambodja koloniseerden. Enkele kolonisten bouwden rond 1925 in deze heuvels de Bokor missiepost voorzien van katholieke kerk, postkantoor, school, politiekantoor, watertoren en andere gebouwen. Ook trokken ze er een hotel op om de medekolonisten van Kampot en Phnom Penh de kans te geven de verstrengende hitte van het droogseizoen tijdelijk te ontvluchten. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, de bijhorende Indochina oorlogen en de komst van de Japanners in Cambodja, verlieten de Fransen de heuvelpost in 1940. De nieuwe onafhankelijke regering heropende het hotel rond 1960 en vormde het om tot een casino hotel. Het gerucht doet de ronde dat enkele gokkers van de achter het casino gelegen kliffen sprongen wanneer duidelijk werd dat de opgelopen schulden niet meer terug te betalen waren. Wij vonden dat ze vooral een spectaculair uitzicht boden. In 1975 werd het casino nogmaals gesloten door de Rode Khmer die zich toen strategisch op de heuvels vestigden. De positie bleek inderdaad van strategisch belang te zijn, want de Bokor missiepost bleef redelijk lang uit handen van de Vietnamezen, toen ze Cambodja binnenvielen als wraak op de acties van de Khmer Rouge in de Mekongdelta. De kogelinslagen in de kerk en het hotel houden deze strijd nog levendig. Na het bekijken van al deze restanten reden we terug naar beneden en namen een tuktuk voor deel 2.
Kampot is tevens bekend om haar peper en zout. We reden tot aan een aantal zoutvlakten en kregen wat info in een minimuseum. Het meest interessante vonden wij de productie van peper, omdat we dit nog nooit gezien hadden. Peper groeit als bessen aan een slingerplant die tot 15 meter hoog kan worden. Naast schaduw heeft deze plant ook nood aan warmte en veel water. In de omgeving van Kampot kan je 3 soorten peper terugvinden. De zwarte peper die ontstaat uit de onrijp geoogste groene bessen, die na het drogen zwart wordt. De witte peper die ontstaat uit de rijpe rode bessen die in water geweekt worden, waardoor ze gaan gisten en de korrel tevoorschijn komt. Tot slot is er de rode peper die ontstaat uit de rijpe rode bessen en na het drogen een rode kleur krijgt.
Na al dat gepeper was het tijd om onze dag in stijl af te sluiten met een boottocht. Normaal zou de zonsondergang en het kijken van vuurvliegjes centraal staan, maar daar kwam onweer wat roet in het eten gooien. We genoten dus vooral van een bliksem spektakel, de mooie omgeving en welgeteld 3 vuurvliegjes. Aan boord kwamen we nog een Belgisch koppel tegen en wisselden we wat reisverhalen uit. Het was een zeer volle, maar fijne dag. Onze laatste bestemming in Cambodja komt er aan, het paradijselijke eiland Koh Rong.
Fotoalbums van locatie «Kampot»