Reisverhaal «De homo botanicus op ontdekkingstocht in Tokyo»

Ten days in Tokyo | Japan | 0 Reacties 10 April 2017 - Laatste Aanpassing 21 Mei 2017

Ik loop hier behoorlijk zelfgenoegzaam rond. Alsof de kersenbloesems speciaal voor mij een beetje later beginnen bloeien zijn. Wanneer de zonnestralen present zijn, verdwijn ik zoveel mogelijk in parken en tuinen. En Tokyo heeft er heel wat. Om dan nog niet te spreken over het groen rond tempels en musea.

Niet alleen de sakura steelt de show

De kersenbloesems staan in alle parken in het middelpunt van de belangstelling. Toch wil ik alle bloemen de aandacht schenken waar ze met hun vieve kleuren zo begerig naar vragen. Zo bots ik op de in het oog springende gele bloemen van de Edgeworthia papyrifera. Nee, ik pronk niet met mijn kennis. Ik hoef alleen het naamkaartje af te lezen en mijn goede vriend Google te raadplegen. Van de bastvezels van deze papierstruik maken ze mitsumata papier dat ze gebruiken voor het traditionele Japanse washi papier. Er rollen yentekens in mijn ogen als ik lees dat ze van het sterke papier ook bankbiljetten maken. 

De roze pompons van de Camellia japonica moeten weinig moeite doen om in het oog te springen. Na een lange winter verschijnen ze als eerste in de parken. De bloemen van de camelia blijven tot de lente openbarst. Dat is te lang om de sexy aantrekkingskracht te evenaren van de vergankelijke sakura. De Japanse roos werd ooit naar onze contreien overgebracht en geeft nu ook kleur aan onze wintertuinen. Volgens een Japans volksverhaal brengt deze plant geluk. Als je een witte camelia hebt staan, check dan toch maar eens of er geen pot goudstukken onder begraven zit.           

Mijn meest elegante ontdekking is de Iris japonica. De botanicus in mij maakt er een orchidee van. Toch merk ik dat haar sierlijke, groene bladeren en haar frivole bloemblaadjes veel zwieriger zijn dan die van de statige orchidee. Als een zachte wind met haar speelt, gaan haar bloemblaadjes fladderen. Alsof ze transformeert in een magnifieke vlinder. Ik hou van haar subtiele lavendelblauwe schijn. Het oranje en paars gestippelde patroon op haar binnenste bloemblaadjes is krachtig. Ik wil er graag eentje plukken.

Niet alles staat in bloei

Het is de eerste dag van het Azalea Festival of Tsutsuji Matsuri. Ik ben niet meteen een azaleafan, maar het bloemenfestival is in de tuinen van het bijna tweeduizend jaar oude Nezu schrijn dat ik nog niet eerder bezocht. Ook de azaleatuin zou al driehonderd jaar oud zijn. Ondanks het slechte weer zijn er rond het schrijn toch al wat bezoekers. Natuurlijk dwepen ze hier ook met de kersenbloesems. De regenbui heeft hen nochtans geen extra glans gegeven. Op de knalrode tōripoortjes parelen regendruppels. De schittering fleurt de grauwgrijze wolkenlucht wat op. 

Ik zie zo ver als ik kan kijken grote, groene struiken die in gelijkmatige bollen gesnoeid zijn. Af en toe piept een roze of rode bloemknop tussen het groen door. Ik werp een blik op mijn toegangsticket. Ik moet zo hard om mezelf lachen dat de regen zich met mijn lachtranen vermengt. De azalea's staan verre van in bloei. Bijna drieduizend planten, ongeveer honderd soorten, met zeldzame variëteiten zien er allemaal hetzelfde uit: regendauwgroen. Het is hilarisch als ik daarna ontdek dat je de azalea's al van buitenaf kan zien. Of beter gezegd dat ik al kon zien dat er niets te zien was. Het voordeel is dat het in de tuin heerlijk rustig is als enige bezoeker. Als enige die zich heeft laten bedotten. Ach ja, er zijn mensen die meer betalen dan twee euro om eens goed te kunnen lachen. 

Aan de ticketbalie van de Meiji tuin pronkt een affiche waarop hoog opschietende irissen weelderig bloeien. Het is het duwtje dat ik nodig heb om de 500 yen entree te betalen. Mijn liefde voor de blauwpaarse bloem is recent. Ik ontdekte de moerasplant op de houtsnedeprent De Iristuin van Hiroshige.  

De verleiding kriebelt. Valsspelen is gemakkelijk. Om de haverklap staan er bordjes richting irissentuin. Toch geef ik niet toe en volg gedwee de wandelroute. Uitgesteld verlangen. Tot ik uiteindelijk de tuin nader. In vergelijking met de korte, groene stengels die nog maar juist uit de grond piepen, was de azaleatuin een voltreffer. Met mijn vijf euro heb ik alvast het onderhoud van de tuin goed gesponsord. 

Op 11 april start het Peony Blossom Festival in het Ueno park. Als ik een extra omweg maak, kan ik ook hier als eerste bij zijn. Het is verleidelijk. De affiche met knalrode pioenrozen zit in mijn geheugen geprent. Toch laat ik mij geen derde keer beduvelen. Ik zal zonder klagen nog wat sakura spotten. 


Niet zo ver van huis

Dat de kerselaars in volle bloei zijn, is het eerste wat mij bij thuiskomst opvalt. Langs een aantal lanen in Gent, in de tuin van mijn ouders... Hier geen horde toeristen, selfies en picknicklakens. 

Natuurlijk weet ik dat al deze bloemsoorten ook groeien in Vlaamse tuinen. Maar de hoeveelheid waarmee ze je in Japan overdonderen, is onvoorstelbaar. Dat zorgt voor het spektakel. 

In het midden van het drukke kruispunt waar ik elke dag passeer, schieten een twintigtal irissen de hoogte in. Alsof ze opzettelijk op mijn pad gezet zijn om mij te jennen. Ik ben erdoor geïntrigeerd. Ze maken mij zo benieuwd naar die grote tuinen vol irissen in Japan. Ze maken mij ook boos. Zo uitdagend dat ze daar staan. Alhoewel, zijn ze niet al wat verwaaid? Dit gure Belgische weer doet hen duidelijk geen deugd.

   

 

Print Friendly and PDF

 

 

 

Fotoalbums van locatie «Nezu»

Niet alles staat in bloei (22)

10 April 2017 | Ten days in Tokyo | Japan | Laatste Aanpassing 11 Mei 2017

Niet alleen de sakura steelt de show (60)

08 April 2017 | Ten days in Tokyo | Japan | Laatste Aanpassing 21 Mei 2017

 

Plaats een Reactie

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking