Reisverhaal «Tasmanië, Currawong lakes, het begín van de wereld»
Lake Leak
|
Australië
|
0 Reacties
18 Januari 2017
-
Laatste Aanpassing 03 Februari 2017
18 januari, Tasmanië, Currawong lakes, het begín van de wereld
Onze mooie rondrit op Bruny Island heeft onze nieuwsgierigheid om meer over Tasmanië te ontdekken alleen maar aangewakkerd. Op aanraden van Kerrin, de moeder van Brenden, rijden we richting Freycinet Peninsula, een groot schiereiland in het oosten van Tasmanië. We volgen daarvoor de kustweg om overal van de uitzichten te genieten. De combinatie bos, glooiend akkerland en zeezicht is ongemeen mooi. Alle akkers zijn gemaaid, de weinige huizen krijgen bescherming van groepjes bomen. De begroeiing aan de kustlijn is zeer uiteenlopend. Soms lijkt het op duinenrijen zoals bij ons (of wat ervan overblijft) met het mooie lange helmgras maar doorgaans is er een grote en kleurrijke diversiteit aan planten. Een strandwandeling maken is een totaalervaring. Het ritmische geluid van de golven kan soms echt oorverdovend zijn, de zon en wind masseren je huid, je ogen moeten wennen aan het felle licht. Alles ruikt heel gearomatiseerd, water en zand kriebelen speels tussen je tenen. Je kunt je helemaal laten gaan, zelden kom je iemand tegen! Er zijn veel inhammen of baaien te ontdekken. Maar we moeten verder, we hebben een chalet geboekt in de 'Eastern Forest Reserve', kwestie van eens gezonde boslucht op te snuiven. We houden nog even halt in Swansea, een van de oudst overgebleven kustplaatsjes. In de supermarkt kopen we wat kaas, crackers en een slaatje en eten dat met uitzicht op het plaatselijke strand. Moeders en kinderen genieten van de zomervakantie, tieners maken buitelingen van de kleine pier. Hier lijkt het leven nog eenvoudig.
We verlaten de bewoonde wereld om de bossen in te rijden richting Lake Leake. Na een bosrit van 40 minuten staat er een pijl naar ons verblijf, Currawong Lakes. We zijn per mail verwittigd dat de oprijlaan 12 km lang is en de weg onverhard, maw dat we niet moeten denken te zijn verdwaald in een bos met jagers en wolven. Hier staan vooral naald- en gom bomen, we vragen ons af of er ook 'huon' staan, een zeer traag groeiende conifeer die met gemak een paar duizend jaar oud kan worden. Zeer geliefd omwille van de oliën die het bevat. De huon is nu een beschermde soort. Maar we focussen ons op de weg, het verblijf ligt midden in dit prachtige reservaat, we weten niet wat te verwachten.
Een groot hekken geeft aan dat we er zijn. Ik open de bospoort en we rijden nog een tiental minuten vooraleer we een huis zien. Gastheer en gastvrouw komen naar ons toe gelopen en verwelkomen ons. Ik sta met mijn mond open, wat een omgeving. Vooral de gastvrouw is een praatgraag, op tien min. tijd krijgen we al heel wat informatie over dit gebied. Ze zijn er nog maar 4 maanden de supertrotse eigenaars van hun 2000 acres grote domein. Er huist een roedel van een 400 herten, talloze kangoeroes, wallabies, 150 vogelsoorten, drie adelaars. Er zijn drie grote visvijvers 'wereldgekend' bij de 'flyfishers', complexe constructies voor kleiduifschieten, huisjes waar vogelliefhebbers zich kunnen verschuilen, plaatsen waar fazanten en patrijzen werden uitgezet voor de jacht, pfffff, veel te veel eigenlijk.
We volgen haar verder met onze auto nog dieper het bos in en komen bij onze chalet, prima ingericht met o.a een grote houtkachel en een terras met een uitzicht dat ronduit adembenemend is. Onze landlady moet nú vertrekken, ons alleen laten, ik sta op het punt in huilen uit te barsten bij zoveel schoonheid die ons zomaar in de schoot is geworpen!
Cathy en ik weten nu al dat we hier niet meer weg willen maar we zullen tevreden moeten zijn met één nacht, morgen is hier geen plaats meer. Uitpakken dus en onze wandelschoenen aantrekken. We verkennen behoedzaam de omgeving van ons verblijf, ik weet niet hoe dit te beschrijven. Eindeloos boslandschap, de wolken, vogelgeluiden, onze voetstappen die heel wat lawaai maken door de droge ondergrond, in de verte wegrennend wild, onbegrensde weidsheid, het onbekende, het fantastische klimaat, het ongerepte, de zuiverste lucht van de wereld, de unieke belevenis dit te ervaren, ... . Maar we dwalen nog niet te ver af van onze chalet, we zien geen oriëntatiepunten om terug te keren dus doen we voorzichtig aan. En we hebben honger dus tijd om te kokkerellen. Op ons terras staat een gasbarbecue, korte tijd later ligt er een heerlijke entrecote en gebakken groenten op ons bord. Wanneer de zon ondergaat koelt het snel af, de houtkachel doet fantastisch haar werk. Met ons tweetjes zitten we errond als twee uiterst tevreden meisjes.
Bij het wakker worden midden in de nacht zien we een ongelooflijk mooie sterrenhemel. Hier is geen licht pollutie, ook de stilte is compleet. Het is volkomen windstil, net alsof alles stil staat om ons goed te laten slapen. Ik vraag mij af welke nachtdieren hier allemaal in de buurt zijn. Het zullen er best wel veel zijn.
In de ochtend komt de landlady met fantastisch nieuws: er is een annulatie, wij kunnen blijven! We gaan daar gretig op in. De dichtstbijzijnde winkel ligt op veertig minuten rijden maar we kunnen wat proviand inslaan bij haar. We hebben dus alle tijd om te stappen, het enige wat we meenemen is water en ons fototoestel. De uren glijden met gemak voorbij. Af en toe liggen we in het gras, de zon is fel maar het volgende ogenblik krijgen we het al even snel te koud in de schaduw, de temperatuurverschillen zijn groot. Onze Nikes zitten vol klitten en sporen van alle grassoorten, hier heb je bottines nodig. Gelukkig ligt alles droog en raken we overal doorheen.
In de vooravond pikt de landlady ons op voor een korte tocht over het domein. De door regen fel beschadigde paden maken het haar moeilijk om te rijden maar ze doet het alsof ze nooit iets anders heeft gedaan. We rijden door laaggebergte en kijken uit over diepe ravijnen. Ik kan maar niet geloven dat dit allemaal privédomein is. Ze droomt ervan nog meer wild hier te laten leven, in samenspraak met de dierentuin. Ze heeft ook het plan om 's avonds diner aan te bieden aan de gasten. Er is een hut die daarvoor volledig is uitgerust, ze moet alleen iemand vinden die het werk op zich wil nemen. We rijden er langs, wat een schitterende omgeving om mensen te ontvangen. Zelfs de grote keuken is volledig professioneel ingericht. Als Cathy wil? Maar nee, geen loon om uit te betalen, haar centen zijn op.
Eens terug steek ik de houtkachel weer aan en maakt Cathy met de eenvoudige ingrediënten een lekkere maaltijd. We zijn moe door een ganse dag stappen en de vele indrukken. Morgen staan we om vijf uur op om naar het vliegveld te rijden.
Deze nacht zijn er veel geluiden, het is alsof de kangoeroes over ons terras huppelen. We slapen ook licht uit zorg de wekker niet te horen. In elk geval, stip om zes uur zitten we in de auto. De zon is ook net op. Boven de grote vijver hangt ochtendnevel, we zien de herten de heuvel oprennen wanneer we naderen. Ik open zachtjes de grote inrijpoort, het geurt fantastisch lekker naar hars en eucalyptus. Ik haal nog even mijn longen open en stap opnieuw de wagen in. Een half uurtje later rijden we alweer op de grote asfaltweg richting Hobart. Er liggen veel kadavers op de weg, vooral wallabies. We zijn weer in de beschaafde wereld... .