Reisverhaal «Phnom Phenh, een nieuwe ontdekking»
Phnom Penh, Cambodja
|
Cambodja
|
0 Reacties
04 Oktober 2016
-
Laatste Aanpassing 26 Oktober 2016
1 - 4 oktober, Phnom Penh, Cambodja.
Na een zeer oncomfortabele nacht in de luchthaven hebben we 1 extra uur kunnen bijslapen tijdens de vlucht naar Phnom Penh, de hoofdstad van Cambodja. Voor ons het zesde land om te bezoeken sinds ons vertrek op 11 mei. We zijn dus net geen vijf maanden onderweg.
Men vraagt ons wel eens of we heimwee hebben, in het Engels zo mooi 'homesickness' genoemd. Meestal zeg ik nee, maar dat is niet helemaal waar. Ik mis af en toe de kleinkinderen en mijn vader, zeg ik dan. En overdag gaat alles prima. Wanneer ik niet goed slaap - en dat wil wel eens gebeuren - is het gemis groter. Dan wil ik gewoonweg naar huis, terug naar familie en vrienden, naar ons huis en de auto, naar het soms slechte weer, naar het vertrouwde voedsel. Een paar uur later echter ben ik weer even nieuwsgierig naar nieuwe ontdekkingen, plaatsen, mensen, gebeurtenissen. En soms ben ik zelfs een beetje trots op mezelf om zo een avontuur te beleven.
Dus nu Cambodja.
Phnom Penh is de moeite waard om er een viertal dagen te verblijven. Cathy is hier al eens met Jakie geweest, voor mij is het een nieuwe ontdekking. Via een vriend van onze Piet logeren we in het Rambutan Hotel, gelegen in een rustige wijk. Het stadscentrum is vlakbij, er staan ook altijd tuktuks voor de deur klaar. De stad is echter uitzonderlijk stil. Er is bijzonder weinig verkeer, veel zaken zijn gesloten. Het is Pchum Ben (uitgesproken: pjom ban), drie dagen om overleden voorouders te herdenken. Veel Cambodjanen zijn dan vrij en offeren voedsel aan monniken. Het is een van de drie belangrijkste feestdagen in Cambodja En voor veel mensen de enige kans in een gans jaar om familie thuis te bezoeken, vaak ver weg. Wij vinden het wel iets hebben, door de stille straten slenteren.
Het Nationaal Museum van Cambodja is te bezichtigen. De Khmer architectuur van het gebouw komt door zijn rode kleur heel mooi tot haar recht in de groene omgeving. Een grote collectie beelden, afkomstig uit omliggende tempels, staan opgesteld in open ruimtes. Duiven voelen er zich thuis. Voor ons valt dit niet te rijmen met een museum. Toch heeft het iets heel natuurlijks. De beelden geven een duidelijk overzicht van de geschiedenis van de Khmer. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat er invloeden uit bvb Egypte aanwezig zijn. Het is duidelijk dat ik helemaal niets afweet van de geschiedenis van dit land en de invloeden vanuit verre andere werelddelen.
We laten ons verleiden tot een bezoek van het Koninklijk Paleis. Dat is me zelfs in België nog niet gelukt. Doordat ik geen mouwen draag moet er een T-shirt worden gekocht. Het is eenvoudiger om een tempel te bezoeken. Maar goed, dat zijn de spelregels. Met een grote massa 'inlanders' schuiven we het centrale plein op. Spectaculair is het niet, eerder wat armoedig. De dakenstructuur van de verschillende gebouwen komt nog het beste tot zijn recht, voor het overige valt er echt niet veel te zien. Ik vraag me af of de doorsnee Cambodjaan er iets aan heeft.
De stad zelf is heel wat boeiender. Daar speelt het echte leven zich af. Er is een groot onderscheidt tussen de blanke handelszaken en de lokale. Niet alleen in oppervlakte maar vooral in netheid. Een bezoek aan een markt met levensmiddelen is terugkeren in de tijd, zeg maar: de middeleeuwen. Je moet bijna laarzen aandoen, liefst ook een neusknijper.
De omliggende huizen stralen een verloren gegane grandeur uit. Ooit moeten dit chique villa's geweest zijn, ooit moet Cambodja in zijn totaliteit groots geweest zijn! Het uitmoorden van een groot deel van de bevolking door hun eigen leiders heeft het land echter ver terug geworpen in de tijd. Tempels, scholen, ziekenhuizen, fabrieken, ... werden met de grond gelijkgemaakt. Op nog geen vier jaar tijd werd de volledige evolutie van een cultuur vernietigd. Pas veertig jaar terug! Dat zie je trouwens heel goed aan de bevolking: er zijn amper bejaarde mensen te zien... .
Er zijn een paar musea (waaronder The Killing Fields) waar je de jonge geschiedenis van deze genocide kunt bezoeken. Ik waag me er niet aan. We houden het bij het leven van alledag.