Reisverhaal «Fascinerend Rapa Nui!»

Wereldreis! | Chili | 0 Reacties 22 Maart 2014 - Laatste Aanpassing 04 April 2014

Rapa Nui, ook wel het Paaseiland genoemd omdat het op Paasdag 1722 werd ontdekt, is een van de meest geïsoleerde bewoonde plaatsen in de wereld, bijna 4000 km verwijderd van het vasteland en 2000 km van het dichtstbijzijnde bewoonde eiland. Dit kleine eiland spreekt al vele generaties lang tot de verbeelding van eenieder die naar deze verlaten uithoek van de wereld reist. Het zijn niet enkel de beroemde beelden die zo fascinerend zijn, maar ook het feit dat hun oorsprong verhuld ligt in een grijs en ver verleden, vormgegeven door een zeer rijke mythologie. Mythe of werkelijkheid? De wetenschap staat nog steeds voor een resem raadsels. Hoe werden de beelden getransporteerd? Wie waren nu de eigenlijke bouwers? Kwamen de oorspronkelijke bewoners van andere Polynesische eilanden of was er toch een Zuid-Amerikaanse invloed? In hoeverre waren de Rapa Nui zelf verantwoordelijk voor de ecologische catastrofe die het eiland zo'n 400 jaar geleden drastisch van uiterlijk deed veranderen? Enzovoort...  

Orale tradities spreken over de legendarische ontdekker van dit vulkanische eiland, Hotu Matu'a, de eerste koning (ariki) die samen met zijn zonen de voorouders waren van de tien clans die het eiland zouden beheersen tijdens een periode van ongeveer AD 1000-1600. Tijdens die periode werd geleidelijk een zeer complexe klassemaatschappij uitgebouwd gebaseerd op mana (spirituele macht, uitgaande van de ariki), tapu (taboes, de te volgen regels) en voorouderverering, waarbij clans vaak ook hun eigen beelden (moai) maakten, al dan niet geadoreerd met hoeden (pukao) en staande op heilige platforms (ahu). De Miru-clan, de belangrijkste rechtstreekse lijn van afstammelingen van Hotu Matu'a, leverde telkens de ariki die over de andere clans en hun leiders heerste. De moai stelden specifieke voorouders voor die belangrijk waren voor elke clan en die waakten over alle aspecten van de samenleving, met de nadruk op de oogst en visvangst. Alle moai staan dan ook met hun blik naar het eiland gericht. Slechts bij Ahu Akivi staan er 7 beelden met hun blik naar de westelijke oceaan gericht, als symbool voor de 7 verkenners die Hotu Matu'a voorop stuurde en die hem het heuglijke nieuws brachten van de ontdekking van een nieuwe thuishaven. 

Volgens de overlevering waren echter een deel van de moai gebouwd door een groep inwoners die de hanau eepe werden genoemd, de "Langoren". Sommige onderzoekers menen in de beschrijvingen van deze groep mensen door de eerste ontdekkingsreizigers aanwijzingen te zien dat ze oorspronkelijk van Zuid-Amerika afkomstig waren. Overeenkomsten tussen de moai en de beeldenkunst van de oude culturen van het Titicacameer zouden hier ook naar wijzen. Anderen hebben echter hun twijfels over deze theorie. In elk geval zouden de spanningen met de Langoren volgens de overlevering uitgemond zijn in een bloedige oorlog, waarbij de Langoren uiteindelijk in een brandende greppel aan de oostzijde van het eiland werden gedreven en aldus overwonnen werden. Archeologisch onderzoek op deze plaats heeft wel aanwijzingen gevonden van oude branden, maar er werden geen lichamelijke resten gevonden. 

Feit is wel dat het bevolkingsaantal op Rapa Nui een piek bereikte rond 1600. Schattingen gaan tot 20000 inwoners rond die tijd. Bodemonderzoek heeft aangetoond dat sinds de 12de eeuw het aantal inheemse boomsoorten sterk achteruitging. Een reuzenpalm zou zelfs volledig verdwenen zijn in de 17de eeuw. Vermoedelijk werden de rijke wouden van het eiland geleidelijk door de bevolking leeggekapt om hout te voorzien voor woningen, vlotten en vooral voor het transport van de beelden. Beelden die overigens steeds grotesker werden in grootte (de allergrootste meet 22 m en ligt nog in de groeve van Rano Raraku). Clans wilden steeds minder onderdoen voor de anderen en terwijl de ontbossing stelselmatig verderging stegen de spanningen op het eiland. De ariki hadden moeite om via hun mana de voorspoedigheid, die ze enkele eeuwen lang konden garanderen voor de bevolking, in stand te houden. Vlak voor de ontdekking door Westerse zeevaarders braken er dan ook geregeld bloedige stammenoorlogen uit op het ondertussen ecologisch totaal ontwrichte eiland. De Huri Moai (een ware beeldenstorm) had het eiland in zijn greep en de een na de andere clan zag zijn beelden omvergeworpen worden door de anderen. Vrouwen en kinderen vluchtten weg in de vele vulkanische grotten onder het oppervlakte, terwijl de mannen elkaar te lijf gingen met pijl en boog (inclusief harde obsidiaanpunten) en mokers. Volgens de overlevering was kannibalisme een veel voorkomend fenomeen, maar huidig onderzoek kon dit vooralsnog niet bevestigen. In elk geval leek de eilandcultuur ten tijde van de ontdekking door Nederlandse zeevaarders nog slechts een schim te zijn van zijn oude glorieperiode. 

Nu de overige clans openlijk de heerschappij van de Miru-clan betwistten, ontstond geleidelijk aan een nieuwe orde, dat culmineerde in het ritueel van de Tangata Manu, oftewel de Vogelman, die een representatie voorstelde van de vruchtbaarheidsgod Make-Make. De oude macht van de voorouders was definitief gebroken. Moai bleven achter in hun groeve, hoog op de Rano Raraku vulkaan, de oude kunst ging verloren en hun essentie werd vergeten om geleidelijk aan te worden begraven onder meters afbrokkelend vulkaanstof. In hun plaats werd hooggelegen tussen de steile kliffen van de Pacifische kust en de verraderlijke kraterwand van Rano Kao een ceremoniecentrum opgericht, Orongo genaamd, dat het hart zou worden van de nieuwe cultus. Elk jaar opnieuw kwamen de leiders van de verschillende clans hier samen en duidden elk een sterke, atletische vertegenwoordiger aan. Deze moest dan de gevaarlijke kliffen afdalen en enkele kilometers in de met haaien wemelende wateren zwemmen tot het rotseiland Motu Nui. De eerste die er een ei vond van de bonte stern en deze intact kon terugbezorgen aan zijn clanleider zou de winnaar zijn van de competitie. De clanleider werd vervolgens uitgeroepen tot Vogelman, kreeg een spirituele status en moest een jaar lang in afzondering leven, en o.a. zijn haar en nagels laten groeien. Vaak kreeg hij ook een jonge vrouw aan zijn zijde, die een half jaar lang a.h.w. "gebleekt" werd door geïsoleerd in de duisternis van een grot te leven. 

Dit Vogelman ritueel duurde nog minstens tot de jaren 1860, toen de ware vernietiging van de eens zo rijke cultuur van de Rapa Nui plaatsvond. Peruviaanse slavenhandelaars hadden namelijk hun weg naar het eiland gevonden en ontvoerden zowat 1500 mensen, inclusief alle behoeders van de cultuur en degenen die het geheimzinnige Rongo-Rongo geschrift begrepen, om te werken op de Peruviaanse guano eilanden. Toen uiteindelijk onder zware internationale druk enkele overlevenden konden terugkeren, braken tyfus en tuberculose epidemieën uit, waardoor de Rapa Nui op het randje na uitstierven. De huidige bewoners stammen allen af van de 36 nakomelingen van de 110 mensen die de Peruviaanse horrors hebben overleefd. 

Tot zover de geschiedenisles. Maar een geschiedenisles die nodig was alvorens dit enorme openluchtmuseum te bezoeken. Regelmatig zag je omvergeworpen beelden, zoals bij Ahu Vaihu en Ahu Vinapu, indrukwekkende overblijfselen van de turbulente periode van de Huri Moai. Bij de groeve van Rano Raraku, waar de beelden uit de vulkaanwand werden gehouwen, liggen nog enkele honderden kriskras verspreid. Vaak zie je enkel de hoofden, maar opgravingen hebben aangetoond dat er ondergronds nog grote torso's verborgen liggen. Bij sommigen zie je zelfs enkel een neus en twee ogen boven de grassprieten piepen. Wat de tand des tijds al niet kan aanrichten... Bij Rano Raraku is ook een zittende moai gevonden, een unicum. Eenzelfde verlatenheid troffen we aan in Puna Pau, de groeve waar de rode hoeden of pukao werden vervaardigd. Men weet nog steeds niet hoe men die hoeden op de beelden heeft getakeld. 

Het meest indrukwekkende was misschien wel Ahu Tongariki, een gerestaureerde ahu waarop 15 reusachtige moai staan. De woeste kliffen van het Poike schiereiland en de verlatenheid van deze plaats maken het geheel des te verbluffender. 

De plaats waar Hotu Matu'a volgens de overlevering aanmeerde is het strand van Anakena. Ter zijner ere werd er de indrukwekkende Ahu Naunau opgericht. Om hier te geraken hebben we overigens gelift. Nog geen twee seconden (letterlijk!) nadat we onze duim in de lucht staken, werden we al opgepikt door een Rapa Nui in zijn pick-up die samen met zijn dochter en enkele andere familieleden naar Anakena trokken om er te zwemmen en te vissen. Terwijl de ouderen aan het vissen waren hielden we ons bezig met de hyperactieve kinderen. Keukentje spelen op de woeste kusten van het Paaseiland... je kan het niet gekker bedenken! Geweldig vriendelijke en openhartige mensen als ze waren kregen we algauw een lift terug richting Hanga Roa.

Het Paaseiland, wat een bijzonder interessante plaats is dat toch. Volgens sommigen is de ecologische catastrofe die dit eiland trof te wijten aan overbevolking en is daarom een waarschuwing voor wat er momenteel met de planeet gaande is; volgens anderen betrof de ware catastrofe vooral de geïntroduceerde ziekten als gevolg van het contact met andere culturen. De wetenschappers blijven debatteren. Belangrijker misschien is het feit dat de huidige Rapa Nui vol trots de tradities en rituelen die hen werden overgeleverd in stand proberen te houden en willen delen met de rest van de wereld tijdens hun jaarlijkse festival van Tapati. Rapa Nui, het was zeker en vast een bezoekje waard! Veel groetjes en tot gauw! 

    

 

 

 

 

 

Plaats een Reactie

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking