Reisverhaal «Sunda eilanden 2013»

Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | 0 Reacties 14 Maart 2013 - Laatste Aanpassing 28 December 2013

De laatste jaren waren we nooit zo laat om te beslissen waar we naartoe zouden gaan! Maar eindelijk is de kogel door de kerk en zal het Indonesië worden. Wat specifieker: De Sunda Eilanden. Dit houdt o.a. Sumba - Flores/Rinca - Lombok & (als begin- en eindbasis) Bali in.

Hopelijk kan deze nieuwe bestemming ons ook zo begeesteren als onze vorige.

Veel leesgenot.

Voila we staan klaar om te boarden, Abu Dhabi here we come. Tot hier toe alles goed gegaan.Clown

Dag 1: 17 oktober 2013: Brussel – Abu Dhabi.

Vlucht Brussel - Abu Dhabi 11.20u - 20.00u Etihad Airlines

Dag 2: 18 oktober 2013: Abu Dhabi - Bali, Denpassar via Kuala Lumpur.

Vlucht Abu Dhabi - Kuala Lumpur 02.30u - 13.50u Etihad Airlines
Vlucht Kuala Lumpur - Bali Denpasar 15.45u - 18.40u Air Asia

Vlucht naar Kuala Lumpur zonder problemen verlopen.

Bij aankomst in Maleisië moesten we opmerken dat Asia Air weer van een andere luchthaven vertrekt! Met twee uurtjes tussen deze vluchten was dit onbegonnen werk. We moesten een taxi nemen en bij het informeren naar een nieuwe vlucht, liet Asia Air zich van zijn beste kant zien en moesten we opnieuw tickets kopen. Even dompertje natuurlijk maar we laten ons niet ontmoedigen alwaar dat we stik kapot zitten.

Hier nu al 19u20, binnen uurtje kunnen we eindelijk naar Indonesië. De afspraak met de chauffeur werd verzet.

Bij aankomst te Denpasar worden we opgewacht door een chauffeur die ons naar een hotel brengt in Sanur. Sanur is een relatief rustige badplaats waar we even kunnen bijkomen van de verre reis.

Overnachting: Peneeda Beach View, Beach Side.

Dag 3: 19 oktober 2013: Sanur - Waitabula.

Zoals we al een beetje gewoon zijn, van tijdens vorige reizen, is het hotel juist om te slapen en ons wat op te frissen.
Om 08.00u staat de chauffeur klaar om ons terug naar Denpasar te brengen voor de volgende vlucht naar Tambolaka.
Vlucht Bali, Denpasar - Tambolaka 12.10u - 13.45u Merpati Airlines.















Eiland Sumba:



Soemba is de naam die de bewoners zelf aan hun land hebben gegeven. De overlevering zegt hiervan dat een der eerste stamvaders Oemboe Waloe Mandokoe, een vrouw had met de naam Hoemba oemboe, die in een prauw aankwam. hij noemde het eiland naar zijn vrouw Hoemba.

Het droge en bergachtige eiland Soemba of Sumba werd vroeger door de Nederlanders Sandelhouteiland genoemd en behoort tot de Kleine Soenda-Eilanden van Indonesië.

Het eiland meet 210km bij 40km en heeft een oppervlakte van 11.052 vierkante kilometer. Het ligt in de Indische Oceaan, oostelijk van Java, ten zuiden van Flores en op een afstand van ongeveer 400km van Bali. Sumba is een betrekkelijk geïsoleerd eiland zonder duidelijke economische perspectieven. Het staat op de vierde plaats gerangschikt op de lijst van de armste gebieden van Indonesië. Echter cultureel gezien is het één van de rijkste eilanden waar de traditie (adat) nog overal een grote rol speelt. Het is één van de laatste gebieden op aarde waar Animisme nog volop aanwezig is. In 2010 telde met +/- 685.186 inwoners.

Animisme: Komt uit het latijn anima = geest, ziel. Het is eigenlijk geen religie op zichzelf maar is een kenmerk van veel religies ter wereld, zoals het Sjamanisme, Polytheïsme en Monotheïstische godsdiensten. Animisme is, gezien vanuit het perspectief van Monotheïstische godsdiensten zoals het Christendom een natuurlijke of natuurgodsdienst waarbij geesten- en voorouderverering het belangrijkste zijn. Een Animist gelooft in het bestaan van goede en kwade geesten die kunnen huizen in onder meer bomen, dieren en gebruiksvoorwerpen. De geesten moeten goed gestemd worden door hun offers te brengen, het houden van rituelen, rituele dansen en het houden van taboeregels. Animisten zijn echt doordrenkt door hun geloof wat hun hele leven beïnvloed.

Onder invloed van het onherbergzame gebied, de geïsoleerde dorpen, de onverstaanbaarheid van elkaars talen en het Animistische geloof waren er tot aan de twintigste eeuw nog vele interne oorlogen tussen de verschillende koninkrijkjes, dorpen en bevolkingsgroepen. De oude oorlogen worden elk jaar herdacht tijdens het Pasola Festival. In 1992 liep dat uit de hand toen er verschillende doden vielen en een groot aantal huizen afbrandden tijdens een wel erg realistische herdenking.

Door het lang durende droge seizoen en de korte regenperiode is er vaak slechts één oogst per jaar mogelijk. het basisvoedsel bestaat voornamelijk uit producten van de droge landbouw zoals tapioca, Yam en maïs. Voedselhulp wordt al meerdere jaren door de Indonesische staat verstrekt.

Oost-Sumba krijgt gemiddeld slechts 800mm regen per jaar en is daardoor erg droog. Men leeft er o.a. van de verkoop van Karbouwen (groot rund, waterbuffel), vis, maïs en producten van de lontarpalm. Ook zijn de Sandelhoutpaarden, die op Oost-Sumba gefokt worden en bekend staan om hun uithoudingsvermogen en taaiheid.

West-Sumba is vruchtbaarder door de jaarlijkse neerslag van ongeveer 2250mm en produceert Kapok, pinangnoten en tabak. Nog in het westen en rond de rivieren en bronnen verbouwt men ook rijst.

Aan de kusten is er visserij en handel.

Sumba staat bekend om de rat: Rattus Argentiventer Saturmus die enkel hier te vinden is. Ook huizen er verschillende soorten vleermuizen.


Ook op Tambolaka Airport staat een chauffeur te wachten om ons naar Waitabula te brengen waar we de nacht zullen doorbrengen in het Sinar Tambolaka Hotel.
In Waitabula kunnen we een bezoek brengen aan één van de projecten (sociaal werk) van Yayasan Harapan Sumba.

Yayasan Harapan Sumba (YHS) of Project Hope Sumba is een volledig neutrale (politiek, geloof, ...) vereniging die werkt met West-Sumba's armste mensen. Ze verbeteren de toegang tot drinkbaar water, sanitair, gezond voedsel, de basis van de gezondheidszorg en natuurlijk educatie. Dit ook voor gehandicapte kinderen.
Waitabula ligt in West-Sumba dat een onderdeel is van de provincie Nusa Tenggara Timur (NTT), één van de armste provincies van Indonesië. het is er bijna volledig landelijk, bestaande uit 182 wijken (desa) die elk ongeveer 50 gehuchten (Kampungs) met 7 tot 20 huizen. De mensen zijn bijna allemaal zeer arme boeren. Liefst 44% van de gezinnen leeft onder de armoedegrens. Meer dan 30% van de mensen tussen 10 en 50 jaar oud zijn volledig analfabeet. Slechts 20% van de kinderen gaan naar het basisonderwijs waarvan 50% afvalt voor ze in de derde graad van het onderwijs komen.

Ongeveer 25% van de kinderen in West-Sumba zijn klinisch ondervoed omdat ze een tekort hebben aan eiwitten en/of groenten waardoor hun groei wordt belemmerd en weinig weerstand hebben tegen ziektes. Dit heeft natuurlijk ook zijn invloed op de intelligentie.


Malaria, tyfus en ontsteking van de bovenste luchtwegen komen frequent voor in het hele gebied. Zuigelingensterfte +/- 7.3%,sterfte van vrouwen in het kraambed en sterfgevallen onder de 5 jaar zijn de hoogste in NTT. Bijna alle landelijke zwangere vrouwen (99%) zijn ondervoed, hebben bloedarmoede wat resulteert in een veel te laag geboortegewicht. Velen van hen sterven onnodig van uitdroging.


Hoewel er al veel inspanningen zijn geleverd door de overheid en niet-gouvernementele organisaties (zowel internationaal als lokaal) om projecten te introduceren (zoals het brengen van water naar de dorpen) zijn de meesten mislukt in hun opzet.


Hier is YHS ingevallen. Ze werken met de lokalen aan verschillende projecten (gezond voedsel, schoon water, toegang tot het basisonderwijs, ...) met de hoop hun een betere toekomst te kunnen bieden.

Hello hello, wat hebben we goed geslapen!!! Amai maar het was nodig. Direct alles weer inpakken en ontbijtje gaan eten, we zitten zo goed als op het strand. Een fruitpapje, vers fruit, toast en koffie natuurlijk.

Nu dat het klaar is zien we een tof hotel met enkele zwembaden. Geen resort maar wel iets charmant, met gasten van alle pluimage. Overal hebben ze hun best gedaan om in de sfeer van Bali te komen met standbeelden en vijvertjes met prachtige lelies. Hop naar de luchthaven. Wat wennen om te zien hoe primitief alles hier nog werkt. Bijvoorbeeld is er hier geen intercom om berichten aan de gates om te roepen, ze roepen het gewoon van achter de balie en houden een bordje met de volgende bestemming omhoog, wel grappig.

Met een uurtje vertraging vertrokken naar Tambolaka op Sumba. Met een man of 30 in een klein vliegtuigje. Ze gaven me een zetel aan de nooduitgang, anders had ik nooit tussen de zetels geraakt. Ze bleven maar zeggen: "Watch your head sir!" en het was nodig. Goodbye De propellertjes vollen bak en wij weg.

We zijn aangekomen op Sumba, Tambolaka. Op de luchthaven werden we hartelijk ontvangen door onze gids, Ansel en chauffeur Oscar. We kregen beide een tof handgeweven sjaaltje. (Zo op de Hawaiaanse manier.).

Nu in ons hotelleke, om echt juist te zijn in Waitibula, aan het relaxen en natuurlijk de blog aan het aanvullen. Ansel en Oscar waren erg vriendelijk maar je merkt dat ze niet veel hebben. Ze zijn blij dat ze werk hebben en het Engels kunnen oefenen. (En wij ook, om er terug wat in te komen.) Om het programma ff door te nemen en afspraken te maken nodigden we ze uit om iets te gaan drinken. Mich bood hen een sigaret aan, beide namen er eentje aan. Even later zagen we Ansel wat onwennig omgaan met zijn sigaret. Hij bekende ... hij nam de sigaret aan uit beleefdheid ... Dead



Dag 4: 20 oktober 2013: Waikabubak.

Vandaag worden we naar het Kodi-District gebracht. Hier staan de hoogste piekdaken van heel Sumba. De omgeving is erg idyllisch met brede zandstranden en een blauwe zee als decor. Hier bezoeken we dan ook enkele dorpjes.
Daarna rijden we naar het midden van Sumba. Onderweg stoppen we bij de Waikelo Sawah. Deze kristalheldere waterbron voorziet Waikabubak van drinkwater en de rijstvelden van irrigatie-water dat zorgt voor drie rijst-oogsten per jaar.

We logeren in een mooi resort op een heuvel aan de zuidkust van Sumba met uitzicht op hagelwitte stranden. Artha Hotel.Heerlijk geslapen, we zijn alle twee wakker geworden van de wekker. Het was vroeg opstaan voor onze afspraak met Ansle en Oscar.

Het ontbijt waren noedels met groenten en een toast.

Wij op stap. Na een uurtje rijden kwamen we in het eerste dorpje aan, Wainyapu. Hele arme mensen die in die typische woningen verblijven. (zie foto’s) We moesten eerst naar het dorpshoofd gaan en daarna het gastenboek tekenen. Een donatie was welkom wat we dan ook gedaan hebben. Mooie foto’s kunnen maken en leuke contacten gehad met de bevolking. Na dit maakten we een wandelingetje door het dorp en tot onze verbazing lag het dorp op een honderdtal meter van het strand. Oh oh wat was dit prachtig. Een verlaten wit strand met een beetje een lagune erbij. Noem het gewoon een Bounty strandje en je bent er zeker niet ver vanaf. Wanneer we daar met open mond stonden, zei ik nog tegen onze gids Ansle, dat dit wel zeker het paradijs moest zijn.

Hop naar het tweede dorp, Ratenggaro. Wat hetzelfde als het eerste maar met andere mensen natuurlijk. Wat het handwerk betrof verschilde dit wel met Wainyapu. In het eerste dorp was het vooral weven en hier houtbewerking. In beide dorpjes kochten we een kleinigheidje, dit vooral om de gemeenschap te steunen.

Tijd voor de lunch op het strand met enkele tientallen nieuwsgierige kinderen rond ons. Oogjes die smeekten voor wat eten en water maar we mochten niets geven van de gids. Dit om te voorkomen dat het bedelaars zouden worden.

Na het eten speelden en dolden we nog wat met de Sumba jeugd en hebben heel wat afgelachen.

Normaal stonden er nog twee dorpen op het programma maar het was genoeg geweest voor deze dag. Ook en vooral omdat onze voorraad ballonnen en snoepjes erdoor waren. Met lege handen in zo’n dorp komen vinden we niet zo tof.


We bezochten nog een watervalletje Wai Kelo Sawah, maar zette vooral onze weg verder naar het westen richting ons “resort” in Waibabubak. In ons achterhoofd wisten we dat we hiervan niet te veel mochten voorstellen. Onze ervaring met resorts in Azië is helemaal niet zo denderend. En gelijk hadden we! We dachten dat in onze reisbeschrijving stond dat we in een comfort klasse gingen zitten op een heuvel met zicht op hagelwitte stranden. In plaats daarvan werden we naar een donker hotelletje gebracht in het centrum van de stad. De inkomhal vertelde ons al hoe de kamer zou worden. Grote kamer met bed erin, een gescheurde zetel, een spiegel, een lavabo en een kast. In de badkamer stond een Europese WC zonder water, de douche was een grote bak die je moest laten vollopen en met een plastiek pannetje over je hoofd gieten. Dit pannetje diende dan ook om het WC door te spoelen.

Na contact met Gittan bleek het om een misverstand van ons te gaan. Als we de comfortklasse hadden genomen hadden we in het resort gezeten … Marcske houdt het liever goedkoop dus … manuele douche!

Weer een anekdote erbij en eentje waar we nog wel een beetje van gaan nagenieten. Kan je je het een beetje voorstellen, wij met een potteke ons douchen?

Tot hier dan ook het Kodi District op Sumba.

Dag 5: 21 oktober 2013: Waikabubak.

Vandaag bezoeken we tijdens een wandeling de Lapopo waterval. Jaarlijks komen de Marapu Priesters hier bidden voor regen. Als we vroeg vertrekken hebben we kans om wat van Sumba's endemische vogels te zien. (endemische = die enkel op die plaats te vinden zijn.)
Na de middag bezoeken we kampung Tarung dat in het centrum van Waikabubak ligt. Het lijkt alsof de tijd er is blijven stilstaan. Tijdens de wandeling krijgen we een goed beeld van het dagelijkse leven daar. We bezoeken er de plaatselijke markt.

We overnachten terug in het Artha Hotel.

Een wat onrustige nacht gehad. Buiten in de “oase” mijn sigaretje gaan roken. Twee minuten later stond de manager van het hotel al voor me met ons ontbijt. Sumba Koffie en op het eerste zicht een croque. Bij nader inzien waren het twee stutten met confituur ertussen en zo dan gebakken. Je kan niet zeggen dat ze hun best niet doen.

Negen uur vertrekken en het was al snikheet!

Dorpje bezocht maar met dit verschil dat de kinderen bijna allemaal naar school waren. Héél rustig dus maar de vrouw van het dorpshoofd wou ten eerste van alles verkopen en wou graag de oorbellen van Mich/mama hebben. Dat was natuurlijk onder hare neus gesneeuwd. Een muiltje tot op de grond. Nog een wandelingetje door het dorp gemaakt en denk ik toch mooie foto’s.

Na het dorp was de waterval aan de beurt. We dachten dat we weer zo’n pisserke gingen voorgeschoteld krijgen maar dat was mis gedacht. Het lag in het midden van de jungle met prachtig melkachtig blauw water en een hoge waterval. Ik heb zelfs mijn eerste aap gezien! Beetje pootje baden in het ijskoude water en wat genieten van het zonneke.
Terug naar de stad voor de lunch … ff siesta in het hotel en terug de baan op. Dorpje aangedaan, zeker kijken naar de foto’s. Prachtige portretten en ik heb zelfs tandarts gespeeld. Ik vroeg aan een oud wuvetje of ik haar tanden mocht fotograferen omdat ze juist een muiltje had van trauma. En ze liet het toch wel niet doen zeker … prachtig gewoon. Als ik haar de foto’s liet zien verschoot ze van haar eigen. Het was zeker van haar 18 jaar geleden dat ze haar eigen nog eens in de spiegel had zien staan. Dolle pret natuurlijk.
“Douchke” nemen (noem het maar met pottekes en pannekes water spelen) en gaan dineren. Hier op Sumba eigenlijk ook spotgoedkoop. Voor 2 personen: portie fritten, portie scampi’s in oestersaus, hoofdschotels, drie cola’s en een fles bier van 1 liter voor de ronde som van: 8€.

Nog wat nagenieten in den hof van ons hotel met een koffietje erbij en klaar om naar bedje te trekken.

Tot Morgen!!

Dag 6: 22 oktober 2013: Waikabubak.

In de vroege ochtend maken we een wandeling naar het traditionele dorp Sodan. Dit dorp, dat boven op een steile heuvel ligt met uitzicht op de Manulewa vallei, is het bolwerk van de Marapu cultuur. Het is het spirituele centrum waar de belangrijkste priesters van Sumba wonen. Hier wordt besloten wanneer de Pasola van start gaat. De Pasola is een serie van rituelen die verbonden zijn met het begin van het planting seizoen. De start van het festival wordt bepaald door het verschijnen van de zogenaamde Nyale worm in de zee. Het festival vindt plaats op vier verschillende plaatsen in West-Sumba in de maanden februari en maart.

Rond het middaguur zijn we terug in het hotel en is de rest van de dag vrij te besteden.

Laatste overnachting in het Artha Hotel.

Peina Ole (Hallo vrienden)

Je merkt het, we leren alle dagen een klein beetje Indonesch bij. Bijna niemand spreekt hier ook maar een woord Engels, dus is het wel goed om een gids mee te hebben. Wanneer we in de dorpen zijn proberen we natuurlijk te converseren met de lokalen en dat gebeurt dan met handen en voeten. Dit leidt natuurlijk tot misverstanden en erg grappige situaties.

Vandaag hebben we drie dorpen bezocht in het Lamboya district, Zuid-Westen van Sumba. Sodan-, Pantai- en Marosi villages. Allemaal al even mooi met allemaal vriendelijke bewoners. We zullen ze nog wel een tijdje herinneren.

Vandaag hebben we een rustpauze genomen op Pantai Marosi (of het strand van Marosi). Zo goed als een verlaten strand met in de verte van die hele grote rollende golven, enkele vissers en spelende kinderen die ons een kokosnoot wilden verkopen. We hebben er onze lunch gegeten en wat van de zon genoten.

Mich/mama is aan het zagen dat ik de volgende anekdote moet opschrijven dus … Ze vonden het zo geestig dat ik, in Marosi Village, onder één van de huizen een erg jong veulen dacht gezien te hebben. Als ik beter keek tussen de dikke bamboe afscheiding was dit een geit! Ow ow wat hebben ze met me kunnen lachen. Je kan al peinzen wat er gebeurt wanneer we terug een geit of een paard zien. Bij deze …

‘s Avonds nog een lekkere diner, koffie op ons terraske in het hotel en bedtijd. Morgen verhuizen we van West naar Oost Sumba.

Dag 7: 23 oktober 2013: Waingapu.

Vandaag staat er een lange maar interessante rit op het programma naar Oost-Sumba. Onderweg stoppen we o.a. in Waibakul en Pasunga. Hier bevinden zich indrukwekkende graftombes die op een kunstige manier zijn uitgehouwen.

Gedurende de dag verandert het landschap van groen naar rotsachtig. In de late namiddag komen we in Waingapu aan.

Overnachting in Elvin Hotel.

Vroeg uit de veren. Valiezen maken en klein ontbijtje met koffie. Na drie dagen in het Artha Hotel zullen we het misschien wel een beetje missen. Er was zo goed als niets maar het had zeker zijn charmes.

Wij weg door het centrum van Waikabubak waar het Woensdag marktdag was. Omg zo veel volk. Allemaal kijken, schuchter maar vriendelijk goedendag zeggen, zwaaien, onder mekaar fezelen of ons luidruchtig begroeten. We zijn er zeker niet onopgemerkt weggegaan. Toch even vermelden dat we tijdens deze vier dagen West-Sumba 2 toeristen hebben gezien.

‘s Morgens 3 dorpen aangedaan: Praijjing-, Pasunga- & Malinjak Villages. De ene al wat mooier dan de andere. Wel hebben we er een tombe gezien waar een enorm grote steen op lag. Vroeger hadden de Sumba’s 1 jaar nodig gehad om hem ter plaatse te brengen.

Weer moet ik van Mich/ mama opmerken dat ze in Pasunga Village hadden gevraagd of ze mijn dochter was. Pasunga's moeten dringend naar de oogmeester! Nerd

Aangekomen in het Elvin Hotel te Waingapu. Mooie kamer met erg groot bed. Badkamer met álle comfort, zelfs een stopcontact in de douche? Geen warm water maar we moeten geen water meer scheppen met een panneke.

Toch ff opmerken dat het hier gewoon snikheet is. Nu is het hier 19u00 en het zal hier zeker 35°C zijn. Het minste dat je beweegt spuit het water gewoon uit je lijf.

Diner genoten in een restaurant dat was aangeraden door een vriend van Oscar. Ik vond het niet slecht maar Mich/mama had al beter gegeten.

Eens in het hotel terug gaan opfrissen en in de lobby foto’s gaan uploaden. Na anderhalf uur werd Mich onpasselijk van de warmte en zijn we naar de kamer gegaan. Lekker fris daar met de airco op 28°C.

Dag 8: 24 oktober 2013: Waingapu.

Deze dag staat in het teken van de Ikat, een speciale, ingewikkelde weeftechniek. Op Sumba worden de allermooiste Ikat-weefsels gemaakt. We bezoeken verschillende dropjes waar je het ingewikkelde proces van dichtbij kunnen bekijken.

In de buurt van Melolo brengen we een bezoek aan de dorpjes Pau en Rende, waar behalve indrukwekkende huizen en graftombes de mooiste Ikats van het gebied te vinden zijn. De weefsels tonen vaak frontale afbeeldingen van mensen en bomen, behangen met schedels.

Overnachting in Elvin Hotel.

Deze ochtend rustig aan gedaan. We moesten pas klaar zijn om 9u00.

Ontbijtje: Sumba-koffie met een toast en hardgekookte eieren. Yum yum mijn dag begon dus goed. Geen probleem ik heb wel wat reserve.

Onze eerste stop was in een gewoon burgerhuis waar ze de voorbereidingen doen voor het ikat. Dit is een lang procedé om vezels te verven in bepaalde motieven. Eens de vezels geverfd word het geheel geweven. Ze stelden ons enkele modellen voor maar was een beetje te kostelijk voor onze portemonnee.

De twee volgende dorpen, die ongeveer een 60km ver lagen, stelden ons ook ikat voor maar deze waren zelfs nog duurder. Dus nada! J (Dorpen: Pau & Rende in de buurt van Melolo.)

Lunch on the beach. Weer zo’n verlaten (dachten we toch) strandje. We zaten in een strandhut die nog recht bleef met enkele touwtjes aan een boom. We aten er ons buikje vol en genoten van de rust. Na enige tijd ging ik het strand op om enkele sfeerbeeldjes te nemen. Dan pas merkte ik op dat er iemand in de boom zat. Hij kwam naar beneden en zei dat hij op de uitkijk stond voor wanneer de vissen kwamen! J nog een toffe babbel en wij terug naar het hotel.

Deze avond diner en alles klaarmaken om te vertrekken naar het volgende eiland, West-Timor. Kupang op West-Timor is slechts een tussenhalte omdat er geen rechtstreekse vluchten zijn naar Maumere op het eiland Rinca. Hier blijven we dan ook maar één nacht.

Tot morgen.

Dag 9: 25 oktober 2013: Waingapu - Kupang.

Vandaag en morgen maken we de verplaatsing naar Maumere. Vermits er geen rechtstreekse vlucht is maken we een tussenstop op Kupang.

Vlucht Waingapu - Kupang 12.45u - 14.00u Merpati

Op het vliegveld van Kupang staat een chauffeur klaar om ons naar een eenvoudig hotel te brengen.

Overnachting in T-More Hotel.

Helaba, we zijn toegekomen op West-Timor, Kupang. De vlucht was wat onrustig door luchtzakken maar toch veilig geland. Uiteraard moesten we afscheid nemen van Ansle & Oscar en we bedankten hen voor de goede zorgen.

Op de luchthaven van Kupang moesten we even wachten op onze transfer naar het hotel maar dit kwam eerder doordat onze vlucht te vroeg was opgestegen. Ze moesten ons op Sumba komen zoeken want iedereen op het vliegtuig was aan het wachten op ons.Do_not_tell_Anyone

Service van het hotel met 2 stewards en een chauffeur! Aangekomen werden we naar onze kamer geleid en daar viel onze mond open! Prachtige kamer met alle luxe, we zijn wel twee keer rondgelopen.Big_Grin Dit is ff wennen, niet dat we niet tevreden waren met minder comfort maar het doet je toch wel wat.

Ok, nu gaan we een wandelingetje maken in Kupang en een klein snackje zoeken. We hebben vandaag nog niet gegeten en het is toch al 15u00u. Mijn ballonneke is dus zowat in putten aan het zakken.













Eiland Flores:



De naam Flores, die afgeleid is van de Portugese naam 'Cabo de Flores' wat bloemenkaap betekent, is niet zoals lang werd gedacht, door de Portugezen bedacht. De naam bestond reeds in het Maleis, namelijk als 'Tandjoeng Boenga' wat door de Portugezen letterlijk is vertaald in 'Cabo de Flores'. Het is niet duidelijk of de naamgeving verwijst naar bloemen op land of naar het rijke koraal wat men onder water bij de kusten kan aantreffen. Flores kreeg het bezoek van Portugezen, korte tijd de Engelsen en daarna de Nederlanders. Op 17 augustus 1945 riep Indonesië de onafhankelijkheid uit, die echter pas op 27 december 1949 door Nederland werd erkend.

Flores heeft een oppervlakte van 14.300 vierkante kilometer wat +/- de helft is van de oppervlakte van België. Het grenst aan Soembawa, Komodo, Oost-Timor en ten noorden, over de Flores-Zee, ligt Celebes. Van oost naar west strekken zich bergketens uit met dode en nog actieve vulkanen die samen een onderdeel zijn van een vulkanen-reeks die zich over Sumatra, Java en over de Kleine Sunda-Eilanden uitstrekt.

Het eiland is relatief dichtbevolkt. In 1916 werd het aantal inwoners op een half miljoen geschat. Thans wonen er op Flores ongeveer 1.5 miljoen mensen. Het grootste deel van de bevolking is Rooms-Katholiek. Minderheidsreligies zijn de Islam en het Protestantisme.

De bodem van Flores bestaat voor het grootste deel uit jong vulkanisch gesteente. Voor de rest komt er nog kalk en turfzandig gesteente voor. De bodem is hierdoor vrij vruchtbaar. Delfstoffen zijn er vrijwel niet aanwezig. Op kleine schaal kan er zwavel en salpeter gewonnen worden. Op Flores heerst een moesson-klimaat met nogal grote lokale afwijkingen. De oostmoesson kenmerkt zich door droogte en hevige winden. De regentijd is kort maar hevig. Het klimaat in de bergen kenmerkt zich door gure winden en koele nachten. De begroeiing is matig. Door roofbouw zijn er in de loop der eeuwen veel bossen verdwenen waardoor er droge vlaktes, begroeid met alang-alang zijn ontstaan.

Alang-alang: Of Japans bloedgras (Imperata Cylindrica) is een overjarige tropische grassoort die bekent staat als één van de hardnekkigste onkruiden ter wereld. Naar schattingen zouden er al ongeveer 500 miljoen hectare bedekt zijn met Imperata waarvan 200 miljoen hectare zich bevinden in Zuid-Oost-Azië.

Alleen op de hoger gelegen gebieden van Flores zijn tegenwoordig nog oerwouden te vinden. Omdat er geen grote roofdieren voorkomen, vormt de mens de enige bedreiging voor de herten en de varkens die aan de noordkust veel voorkomen. De kust van West-Flores is een van de weinige plaatsen waar de Komodo Varaan (de grootste hagedis ter wereld) in het wild gevonden kan worden.

De bekenste toeristische attractie op Flores is Kelimutu. De drie gekleurde kratermeren in het district Ende. Deze gekleurde meren veranderen regelmatig van kleur. De laatste kleurverandering was in het midden van 2003, de meren zijn nu turquoise, groen en rood. Het rode meer is dus vrij recent van kleur veranderd, van zwart naar rood. De laatste jaren lijkt een verschuiving te komen naar de westkust van Flores bij Labuhanbajo, gericht op duik- en snorkel-toerisme en de cultuur rond Ruteng. Doch heeft het toerisme er de laatste jaren er een neerwaartse spiraal moeten ondergaan waardoor vooral de lokale bevolking werd getroffen.


Dag 10: 26 oktober 2013: Kupang - Maumere.

Om 04.30u worden we opgehaald voor de transfer naar de luchthaven van Kupang.

Vlucht Kupang - Maumere 06.30u - 07.15 Lion Air.

In Maumere staat de auto klaar om ons naar het hotel te brengen.

Eventueel kunnen we 's middags een traditionele dansvoorstelling in Watublapi bijwonen.

We overnachten in de Sea World Club.

Kupang is eigenlijk niet veel soeps meer geweest. Het was ook een transfer hotel met in de ronde niets te zien. Geen probleem. We hebben er een goede service gehad en wat van de rust genoten.

‘s Morgens op tijd opgestaan, alles ingepakt en we waren weer weg. Transfer van het hotel gekregen naar de luchthaven van Kupang.

Honderdvijfendertig keer bagage checken, wegen (deze keer niet moeten bijbetalen, we steken de handbagage vol en deze wordt niet gewogen! We worden slimmer. Big_Grin) Voor we het wisten zaten we op het vliegtuig en weg waren we.

Opgehaald door het Sea World hotel in Maumere. De man stond al te zwaaien vanaf we het vliegtuig afkwamen met een smile tot achter zijn oren. Toch leuk he om zo onthaald te worden. Goodbye

Flores is opvallend groener. Toch hier langs de kustlijn. Verder zullen we nog moeten gaan verkennen maar dat is vanaf morgen. Nu nog even profiteren van dit leuke hotel met een huisje op de beach voor ons alleen.

Het is niet het witte strand meer zoals we gewoon waren. Nu heeft dit een zwarte kleur, wat zeker zal te maken hebben met de vulkanen in de omtrek. De zee is lekker warm en er staat een koel windje. Zalig als je zo juist uit een bakoven komt.

Gans de middag op het strand gehangen.

Dag 11: 27 oktober 2013: Maumere - Moni.

Vandaag maken we een prachtige tocht door de bergen naar Moni. Aan de zuidkust ligt het dorpje Sikka, een plaats waar de invloed van het Portugese katholicisme nog duidelijk zichtbaar is. Sikka is vandaag de dag ook nog steeds één van Flores' meest belangrijke weefcentra. In Wolowaru kunnen we zien hoe cashewnoten op organische wijze verwerkt worden.

Overnight in Daniel Lodge.

Met spijt in het hart moesten we ons mooie en romantische verblijf verlaten.

In Maumere City nog wat inkopen gedaan voor de verplaatsing. Het was een verre maar we hebben er echt van kunnen genieten. Zó veel palmbomen heb ik nog nooit bij elkaar gezien. In alle vormen, grote en kleuren. Hier en daar toch even gestopt zoals ook in het dorpje Sikka aan de Zuidkust. We bezochten er een kerkje en wanneer we buiten kwamen hadden de oudere dames overal voor ons hun winkeltje uitgestald met hun weefkunsten. Jammer genoeg kunnen we niet van iedereen of in elk dorp wat kopen. De vlieger zou wel wat te klein zijn om naar huis te komen.

Geluncht in een strandrestaurantje waar ik een lekker gegrilde vis achter mijn kiezen stak. Op het mooie strand bleven we nog wat nagenieten met een Belgisch koppel uit Gent, Jan & Katia.

Aangekomen in Moni nog een klein avondwandelingetje gemaakt en met wat back-packers opgetrokken. Er werden de wildste verhalen verteld en samen gingen we dan ook “dineren“. Op tijd naar ons logement wat niet veel was maar toch het beste uit de buurt bleek te zijn. Uiteindelijk hebben we maar een paar uurtjes in de kamer verbleven omdat we om 3u15 eruit moesten voor de tocht naar Kelimutu.

Dag 12: 28 oktober 2013: Moni - Riung.

Voor dag en dauw vertrekken we samen met een lokale gids naar Kelimutu. Vanaf de parkeerplaats is het ongeveer drie kwartier lopen naar het uitzichtpunt vanwaar we de drie meren zullen kunnen zien. We zullen zeker een warme trui kunnen gebruiken want het kan er koud zijn. Vanaf dit panorama-punt wachten we op de zonsopkomst die adembenemend mooi kan zijn. We zullen duidelijk de verschillende kleuren van de meren zien: zwart (of rood?), turquoise en donker bruin. Niemand kan verklaren waarom de meren telkens weer van kleur veranderen. De lokale bevolking gelooft dat de zielen van de overledenen in deze meren rusten; in het zwarte meer de oude mensen, in het turquoise de jongeren en in het donker bruine meer ... de slechteriken.
Vervolgens rijden we via een mooie route naar Riung dat aan de noordkust van Flores ligt. We zullen kunnen zien hoe verschillend de landschappen op Flores kunnen zijn.
Aan het einde van de middag komen we aan in Riung, een klein vriendelijk vissersplaatsje, waar maar weinig toeristen komen.

Overnachting in Pondok SVB.



Vroeg uit de veren. Vanuit de verte konden we onze gids zien aankomen. Het was ook markt in Moni dus we waren helemaal niet alleen die daar zo vroeg in de weer waren. Er waren zelfs verschillende mensen die de nacht hadden doorgebracht met hun koopwaar, met kleine kindjes erbij.

Het was ongeveer een 20 minuutjes rijden tot op de parking van Kelimutu. In de pikke donker de trappen op en een flinke wandeling naar de meren. De tijd dat we boven waren begon het al wat licht te worden en moesten we wachten tot de wind zijn deel deed om de meren prijs te geven. Eindelijk werden de wolken uit elkaar gedreven en kregen we waar we voor gekomen waren. Drie kraters die vol water gelopen waren en elk zijn kleur hadden: zwart, bruin en turkoois. We genoten verder van de zonsopgang en de vergezichten. Onderweg terug naar onze guesthouse bezochten we nog een klein watervalletje maar dit stelde niet erg veel voor.

Inpakken en wegwezen voor een verplaatsing van een uur of zeven. Van Moni naar Riung. Hier op Flores zijn de straten van een betere kwaliteit dan we al hebben gehad. De gemiddelde snelheid ligt hier wat hoger zodat we meer kilometers kunnen afleggen in een bepaalde tijd. Regelmatig eens stoppen voor een bezienswaardigheid, gekoelde dranken kopen, eten of wat foto’s trekken.

Aangekomen in het hotel Pondok SVB waren we ff wat teleurgesteld. Weer hadden we verwacht om korter bij zee te zitten. We zaten in een oud kloostertje dat was omgevormd tot hotel. Het was snikheet en werden naar een fan-room geleid. Hier konden we echt geen genogen mee nemen en vroegen voor een airco kamer. Gelukkig was er nog eentje vrij. Met een opleg van 220.000, omgerekend zo’n 15€, zaten we toch al een heel beetje comfortabeler.

Ook hier een douche en wc waar het pannetje moest worden bovengehaald. Ook onze zijden slaapzakken kwamen van pas. Er was wel een onderlaken maar niets om over ons te trekken. Van netheid mochten we niet echt klagen.
Toch nog even vermelden dat het verschil in landschap op weg naar Riung wel spectaculair was. Van de palm- naar de loofbomen. Van het groene naar het dorre landschap. We waanden ons al wel eens in de nationale parken van Amerika. De woestijn met die bergen met eigenaardige vormen.

Ondanks de verre verplaatsing toch een lange maar aangename vermoeiende dag gehad.


Dag 13: 29 oktober 2013: Riung.

Vandaag staat er een boottocht op het programma naar enkele eilanden van het Nationale Park, dat voor de kust van Riung ligt. Er liggen 17 exotische eilanden, die bekend staan voor hun koralen, vissen en duizenden vliegende honden. Je kunt de vliegende honden van heel dichtbij zien, waar we aanleggen bij één van de eilandjes om te snorkelen. De onderwaterwereld is hier werkelijk prachtig.
Er gaat een kok mee om voor ons een heerlijke visbarbecue te maken.

Overnachting in Pondok SVB.

Om 6u00 samen spontaan wakker geworden. Een Belgisch koffietje gedronken en klaarmaken voor een dag met voor ons wat nieuwigheden. We trekken er met de boot op uit naar het nationale park hier te Flores.. Ik zal er kennismaken met het snorkelen.

In het kleine vissershaventje aan het nationale park is het armoe troef. Amai hoe deze mensen daar leven, ze zijn wel met héél weinig tevreden.

De steiger op naar onze boot. Kok en materiaal mee en wij weg. Prachtige vergezichten, het blauwe water,… Na een half uurtje varen kwamen we op de site waar de vliegende honden leven. Amai duizenden hingen er in de bomen. De bootsmannen begonnen met lege plastieken flessen op de boot te slaan waar de honden van opschrikten. Honderden vleermuizen met een spanwijde van om en bij de meter vlogen overal op. Echt indrukwekkend. We bleven een kwartiertje ter plaatse en genoten van dit toch wel eigenaardige schepsel.

Na enige tijd werd ik gedropt op een plaats waar volgens onze begeleiders het koraal begon. Duikbril en zwemvliezen aan, ikke voor den eerste keer snorkelen.

De eerste ademhalingen verliepen wat paniekerig maar eigenlijk was ik er wel redelijk vlug mee weg. En of het de moeite waard was. Verschillende soorten vissen zwommen tussen en boven het koraal. Vraag met niet welke soorten ik allemaal gezien heb want ik ken al die namen niet. Van één ding ben ik zeker en dat is dat ik Nemo tegen het lijf ben gezwommen. Rode en blauwe zeesterren, zee-egels, ah ja barracuda’s, vissen met een papegaaien bek, koraal in van alle kleuren en vormen. Te mooi en te veel om allemaal op te noemen. Een echte meevaller dus.

Terwijl ik aan het snorkelen was, was de boot enkele honderden meters verder gevaren en voor anker gegaan op een onbewoond eiland met hagelwit strand. De crew begon direct de vis proper te maken en de BBQ op gang te brengen. Eens ik bekomen was van mijn nieuwe ervaring konden we langs het buffet lopen met drie soorten vis, rijst, bami, groenten, sauzen, kroepoek, …. Buikje meer dan rond gegeten.

Siësta! Slaapje doen, toch maar uit de zon blijven met deze temperaturen. Puur genieten is dit!!

Nadien een wandelingetje gemaakt, schelpjes gezocht en toch nog maar eens een duikbeurt gemaakt.

Tegen een uur of vijf was het welletjes geweest en vaarden we terug naar de bewoonde wereld.

‘s Avonds nog een kleine diner, wat napraten en bedje in.

Dag 14: 30 oktober 2013: Riung - Bajawa.

We trekken vandaag naar Bajawa. Onderweg stoppen we om een laatste blik te werpen op de eilanden die we gisteren hebben bezocht. Rond lunchtijd komen we aan bij Soa, een natuurlijke warmwaterbron. Het water van deze rivier wordt verwarmd door een vulkaan in de omgeving.
Heerlijk om weer eens een warm bad te kunnen nemen! De lunch is in picknick-vorm.

Aan het einde van de middag komen we aan in Bajawa, gelegen op 1200 meter hoogte, omringt door vulkanen. Ook hier kunnen de nachten fris zijn.

We overnachten in Happy-Happy Guesthouse.

Pannenkoekjes als ontbijt met een confituur die naar cuberdon smaakte. Koffie om nooit meer in slaap te vallen en wat banaantjes.

De auto in en ‘on the road again‘. Eerste stop was aan een warmwaterbron, Soa. Het water werd verwarmt door een nabijgelegen vulkaan. Ik had me geplaceerd op een plaats waar het warme water van de vulkaan en een koud riviertje samenkwamen, dit in een prachtig kader. Maar jongens toch wat een verwennerij. Dit is niet normaal meer. Na een goed uur mijn vel zo zacht als wat en helemaal verschrompeld!

Doorgereden tot in Bajawa waar een bezoek van twee dorpen op het programma stond. Bekijk maar de foto’s, echt de moeite waard.

‘s Avonds met een Belgisch koppeltje gaan dineren, in ons hotel ‘Happy Happy’ nog een tasje koffie en tijd voor bedje. Toffe dag gehad.

Dag 15: 31 oktober 2013: Bajawa - Ruteng.

Onderweg naar Ruteng zien we overal mensen aan het werk. We zullen in ieder geval zien hoe ze hier Arak maken, een lokale jenever. Soms wordt er ook kokosolie gemaakt of is men bezig vanille te fermenteren. Niet ver van Ruteng ligt het Ranamese meer wat 'Groot Meer' in de lokale taal betekent. Ooit was dit 11.5ha grote meer een kratermeer. Het meer is omgeven door regenwoud en als we wat geluk hebben kunnen we er endemische vogels spotten.

We krijgen de gelegenheid om een bezoek te brengen aan Belahragi. Het dorp bestaat uit 2 parallel rijen van 16 huizen die tegen een heuvel oplopen. De Belahragi mensen zien bezoekers als gasten en niet als toeristen en het welkom is zeer hartelijk. We zullen hier op een traditionele manier verwelkomt worden met de ti'i ka ebu nusa wat het geven van eten aan de voorouders betekent.
Een bamboe fluit 'Sulling' concert maakt het bezoek compleet. De wandeling vanaf Pauleni is ongeveer een uur naar Belahragi. Het pad gaat geleidelijk omhoog.

We overnachten in SMBC Hotel.

Huplahoi

Ik kan deze dag eigenlijk wel kort samenvatten. We hebben alles gedaan behalve het dorp bezocht. In Ruteng hebben we de plaatselijke markt bezocht. We hebben al heel wat markten gedaan maar deze spande toch de kroon, echt vies. Mensen erg vriendelijk allemaal. Ze vroegen constant om op de foto te mogen! :)
Ondanks de vrij grote verplaatsing erg aangename dag gehad.

SMBC Hotel was eigenlijk niet echt wat we hadden kunnen denken. Het wat een klooster met nog héél wat nonnen en novicen. Ongelooflijk proper met ruime kamers. Voelt wel wat raar aan.












Eiland Rinca



Rinca, ook al wel eens Rincah en Rindja genoemd, is een klein eilandje in de buurt van Komodo Eiland. Het heeft een totale oppervlakte van 198km² en is de habitat van de ‘Komodo Varanen’, dit zijn reusachtige hagedissen die tot 3 meter lang kunnen worden. Deze draak durft het al wel eens aan om mensen aan te vallen zodat de bevolking een aantal maatregelen moet treffen om ongevallen te vermijden. Op het eiland komen ook wilde zwijnen, buffels en vele soorten vogels voor.

Rinca is minder bekend en wordt daardoor wat minder bezocht en dit heeft zijn weerslag op de economie. De leefomstandigheden voor de lokale bevolking is vaak erg moeilijk. Onderwijsfaciliteiten voor kinderen bijvoorbeeld zijn vrij beperkt.

Rinca wordt wat in de tang genomen door de noord-zuid doorgang tussen de Indische Oceaan en de Flores Zee. Door deze smalle kloof zijn de wateren tussen Komodo en Rinca erg gevaarlijk door de vele draaikolken en stromingen van meer dan 10 knopen.


Dag 16: 01 november 2013: Ruteng - Labuan Bajo (Rinca).

Na het ontbijt kunnen we onder begeleiding van een lokale gids een wandeling maken door de mooie rijstterrassen en langs traditionele dorpjes. We rijden er door het Manggarai-gebied, één van de meest vruchtbare gedeeltes van Flores, waar veel rijst wordt verbouwd. Er zijn nog een aantal ronde rijstvelden die volgens eeuwenoude tradities zijn ingedeeld. Als je er van boven af opkijkt, lijken de velden reusachtige spinnenwebben te zijn.
Labuan Bajo heeft een prettige relaxte atmosfeer. Er is een leuke lokale markt in de buurt. Ook kunnen we een bezoek brengen aan de spiegelgrotten 'Batu Cermin' op 15 minuten rijden van het hotel. Tegen het einde van de middag kunnen we genieten van de prachtige zonsondergang over de baai.
Als we nog niet genoeg cultuur mochten gesnoven hebben kunnen we meer leren over de Manggarai cultuur, met een bezoek aan het dorp Tado. De lokale bevolking heeft er een eco toeristisch project opgestart om de Manggarai cultuur te delen met toeristen. We worden er met Adat (gewoonte recht) onthaalt en krijgen ook een Caci (zweepgevecht) voorstelling te zien. Caci is een belangrijk element in de Manggarai cultuur. Daarnaast laten de bewoners je zien hoe ze manden vlechten en kunnen je van alles vertellen over traditionele medicijnen.

We slapen in het Golo Hilltop Hotel.

Deze ochtend om 05u30 wakker geworden van de nonnekes die aan het zingen waren. Het leek wel of ik wakker werd in een scene van "The Sound of Music". Kunnen die nonnen zingen! Ben onmiddellijk opgestaan, naar buiten en genoten van deze toch uitzonderlijke gelegenheid.
Ontbijt gekregen en terug op stap. Het eindpunt van Flores ligt in het zicht en we moeten zeggen dat het erg meegevallen is. Mooie natuur, vriendelijke mensen, heel mooie dorpen bezocht en nog zo veel meer. Het is zo moeilijk om te beschrijven wat we voelen maar gelukkig heeft niet iedereen de moed om zo ver op reis te gaan. Mag ik dat zo beschrijven? Het klinkt misschien niet mooi maar het is wel zo. :)
Nu zitten we in het Golo Hilltop Hotel. Dit valt goed mee, kamers met al het nodige, mooi maar toch simpel. Er is zelfs een zwembadje aan met prachtig zicht op de haven van Labuan Bajo. Kortom we zitten weer in de zevende hemel. Hug
Morgen vertrekken we erg vroeg om naar het voorhistorisch monstertje te gaan kijken op Komodo. We nemen de boot om 05u30. We kregen al de bevestiging dat ons ontbijt zou klaarstaan om mee te nemen. Hopelijk nu een goeie nacht.

Ik denk dat ik hem ben vergeten voor te stellen, een beetje laat nu we al afscheid hebben moeten nemen. Onze chauffeur voor Flores, Juan. Nen hevige fan van Bob Marley en hij zag er ook wel zo een beetje uit. Een wat brute kerel waar we eerst wat aan moesten wennen. We hadden in Flores geen gids mee ( met uitzondering van de plaatselijken) maar Juan deed zijn best om ons in het Engels iets bij te brengen. Hij kon ineens stoppen en zeggen: "Van hier ga je te voet verder, ik zal je verderop wel opwachten!" Daar stonden we dan en liepen we inderdaad een eind. Hij wist natuurlijk waar er veel natuurschoon was en liet ons daar dan van genieten.
Anekdote: Bij de nonnen liep Mich met haar sigaret het klooster binnen. Juan kreeg dit in de mot en begon als een aap in het rond te dansen van paniek! De rasta staarten vlogen langs alle kanten en terwijl probeerde hij ons aan het verstand te brengen dat er niet gerookt werd binnen! Niet te doen hoe komisch dat wel was. Zeker als je hem dan een beetje kende. Goodbye
Nu bed in!!!

Dag 17: 02 november 2013: Labuan Bajo (Rinca).

In de vroege ochtend vertrekt de boot van de haven in Lubuan Bajo en deze brengt ons naar het eiland waar de Komodo varanen voorkomen. Het is een full day tour inclusief lunch en wandeling op Rinca/Komodo.
Onze kapitein zal beslissen, aan de hand van het getijde en de drukte, naar welk eiland we zullen varen. De kans dat we ook een varaan gaan zien is niet 100% gegarandeerd maar toch behoorlijk groot.

Overnachting: Golo Hilltop Hotel.

Vertrokken om 05u30. Véél activiteit in de haven van Labuan Bajo. De vangst van de nacht wordt bij het aankomen in de haven onmiddellijk verkocht. Het is er een drukte van jewelste. Vrouwen joelen er door hun GSM die vastzit in de hoofddoek, met witgekalkt gezicht tegen de zon, met een grote mand vol vis op het hoofd. Niet te geloven, ze springen blootsvoets van het dek op de keien met toch wel een kilo of 40 op hun hoofd. Ik krijg er kippevel van.
We krijgen een boot toegewezen. Amai, voor ons tweetjes een boot waar wel 50 man op kan. Ok wat wandelruimte tijdens de 2 uur durende reis. Hele mooie vergezichten, tientallen onbewoonde eilanden, springende dolfijnen, ... We hebben ons geen twee minuten verveeld.
Eens toegekomen op Rinca zagen we arenden en apen, iets wat al wel als een rariteit kan genoemd worden. Je ziet hier amper wild, buiten de muggen en vliegen natuurlijk. Angry

In het nationale park werd er een ranger toegewezen. Abdul kon zijn lesje heel goed maar kende toch meer Engels dan in zijn cursus stond. Was erg leerrijk en we zagen verschillende voorhistorische varanen. Op het eerste zicht logge beesten maar als ze in staat zijn om buffels te bijten dan konden we toch maar beter opletten. Ook Abdul was paraat om in te grijpen. De medium trekking gedaan, onderweg nog wat apen en vogels, prachtige gezichten. Na een uurtje of drie zat het erop. Met de boot terug weg en wat gaan zwemmen en snorkelen. Hier niet zo veel koraal maar toch mooie vissen. (Simon: nog geen waterschildpadden tegengekomen.)
Naar het hotel en nog wat genieten van het zwembad en WIFI om de site up to date te maken.

Diner en bedje in na een lange maar goed gevulde dag.

Dag 18: 03 november 2013: Labuan Bajo - Lombok - Kuta.

Verplaatsing naar het vliegveld van Lubuan Bajo voor de vlucht naar Lombok via Denpasar.

In Lombok staat een auto klaar om ons naar Kuta te brengen.

Vlucht Lubuan Bajo 11.35u - Lombok 16.50u Merpati.

We overnachten in de Bumbanku Beach Cottages.

De dag van de verplaatsing naar Lombok.

De vluchten waren voorzien met Wings Air. Dit is een zustermaatschappij van Lion Air die al geen te beste reputatie heeft. Hier in de plaatselijke kranten las ik al een artikel dat de mensen de vele vertragingen meer dan beu waren En … ook wij deelden in de brokken. Eerste vlucht met iets meer dan een uur vertraging vertrokken naar Denpasar (Bali). Tweede vlucht naar Praya (Lombok) ook een uur vertraging. De tijd dat je dan moet wachten is dan zo zenuwslopend. Er vertrokken nog andere vluchten naar Praya, zowel van Wings Air als andere maatschappijen. Op je ticket staat dan een uur op dat overeen komt met één van die vluchten. Je neemt pak en zak om in te checken en dan zeggen ze dat het jouw vlucht niet is maar de volgende. Eens je dan terug een vlucht naar Praya ziet komen op die televisie heeft hij een ander vluchtnummer. Weer naar de balie voor wat uitleg. Gelukkig zijn die mensen altijd zo vriendelijk en weten ze natuurlijk ook wel dat er aan de organisatie een en ander scheelt. Goed, dus met meer dan een uur vertraging op Lombok Praya toegekomen. Een hele dag weg voor deze verplaatsing, wat we wel hadden verwacht en ook was meegedeeld door de touroperator. Nog ff spanning of de bagage mee was maar dit was gelukkig geen enkel probleem.

Onze chauffeur stond zoals gewoonlijk te wachten op ons met een naamkaartje in de hand. Samen met ons (wel in andere wagen) was er een koppeltje uit Taiwan die ook naar hetzelfde hotel gingen. Toffe contacten gelegd en email uitgewisseld voor info te kunnen krijgen over Taiwan voor eventuele volgende reizen.

Pikke donker, goeie 50 minuten rijden naar Kuta. Wegen zijn erg goed onderhouden en weinig verkeer. Opeens sloeg de chauffeur rechts af en moesten we een wegje nemen naar het hotel. Deze was +/- 3 km lang we werden wel echt door elkaar geschud. “Dancing Road” noemde Arwan, onze chauffeur, het weggetje.
Van Hotel Bumbangku konden we niets zien. Enkel hoorden we de zee ruisen. We werden ontvangen in het restaurant. De manager stelde zich fier voor als Danny. Euh Danny Krüger om juist te zijn en dit op de manier zoals je op de Love Boat zou komen. J Deze vroeg ons, zoals in alle hotels, om onze gegevens op te schrijven. De prijs van onze kamer werd meegedeeld? De chauffeur moest betaald worden? Ik bracht hem op de hoogte dat dit alles zou zijn moeten geregeld geweest zijn door de touroperator maar Danny had van dit alles niets ontvangen. Dit kon later wel worden opgelost. Ik bracht met een ander personeelslid de bagage naar de kamer … Om binnen te komen was het met een hangslotje. Eens binnnen was dit een paalwoning met fan, matrassen op de grond. De badkamer was aan de achterkant, weer een bamboebruggetje naar beneden om in een grauwe omgeving te komen. Ook hier weer spelen met pottekes en pannekes om de WC door te spoelen en te douchen. Dit in open lucht met een muurtje erom heen. Ik moest toch wel even slikken. “Hoe moest ik dit gaan verkopen aan Mich/mama?” Dit was helemaal niet wat we hadden gezien op het internet. Deze dagen rust gingen drie dagen stress worden!

Terug naar het restaurant waar ik aan Danny vertelde dat ik wat teleurgesteld was in de accommodatie. Ik vroeg hem naar andere vrije kamers en werd door de heer Krüger naar een héél andere kamer geleid. Na wat onderhandelen moesten we 250K per nacht opleggen en moest er geen taks (21%) betaald worden op zowel de kamer als eten en drinken. Opvallend was dat de prijzen hier op Lombok wat hoger lagen. Dinner genoten … spaghetti drijvend in het vet en mijn bami was zeker niet beter, dat beloofde.

Terug naar de paalwoning. Met moeite onze zakken van het hangbruggetje gekregen en naar onze gerieflijke kamer. Nog ff contact gehad met Gittan, zij beloofde ons een oplossing te zoeken.

We hadden nood aan wat “relax talk” en kropen dan lekker in bed. Een bewogen dagje achter de rug.













Eiland Lombok:



Lombok (113km x 81km) is een Indonesisch eiland dat behoort tot de Kleine Sunda-Eilanden. Het ligt in de Indische Oceaan ten oosten van Bali en ten westen van Soembawa. Het eiland heeft een oppervlakte van 4725 vierkante kilometer en telt 2.4 miljoen inwoners. De hoofdstad is Mataram die 360.000 inwoners telt en aan de westkant is gelegen van het eiland.

De voornaamste taal op Lombok is het Sasak. In de hoofdstad en het omliggende kustgebied spreekt men ook wel Balinees.

Lombok is wat kleiner dan Bali, is veel minder toeristisch en de bevolking is er armer.

Het eiland bestaat uit ruige beboste bergen die vaak tot aan de zee doorlopen. Rondom het hele eiland slingert zich een weg vol haarspeldbochten, die nog aangelegd is in de Nederlandse tijd. Het binnenland is ruig en onontwikkeld, terwijl op de vlakke en vruchtbare gedeelten van de kuststreek rijst, sojabonen, koffie, tabak, katoen, kaneel en vanille verbouwd worden.

De op twee na hoogste vulkaan op Indonesië, de Gunung Rinjani, bevindt zich op Lombok en is 3726m hoog.

Lombok wordt in het westen van Bali gescheiden door de Straat Lombok en in het oosten van Soembawa door de Straat Alas.

Voor de noordwestkust van Lombok liggen enkele tropische eilandjes. De belangrijkste zijn Gili Air, Gili Meno en Gili Trawangan. Het zijn populaire duik- en snorkelbestemmingen omdat ze omringd zijn door koraalriffen met een grote verscheidenheid aan onderwaterdieren zoals haaien en talloze schildpadden. Het zicht is er 20m en de watertemperatuur schommelt rond de 26°C.

Lombok ligt op de 'grens' van het Aziatische- en het Australische ecosysteem, de zogenaamde Wallacelijn. Daarom kent Lombok een grote verscheidenheid aan dieren waaronder apen, wilde runderen, vele hertensoorten (o.a. het merkwaardige Muntjakhert), wilde zwijnen, wilde katten en talloze vogels, waaronder de Australische Kuifkaketoe.

Dag 19 & 20: 04 - 05 november 2013: Kuta.

Vrije dagen --> Platte rust!!

We overnachten in de Bumbanku Beach Cottages.

Na de bewogen eerste dag in Kuta, genoten van de rust en omgeving.



Dag 21: 06 november 2013: Kuta - Senaru.

's Morgens worden we opgehaald door onze chauffeur die ons naar Senaru zal brengen. In de namiddag bezoeken we een waterval in de buurt van het hotel.

's Avonds maken we kennis met onze gids voor de wandeling op de flanken van de vulkaan Rinjani.

Overnight in Pondok Senaru. We houden rekening met eenvoudige accommodatie.

Toch proberen om wat tekst op de site te plaatsen. Foto’s is bijna niet te doen. Ik heb er dan toch een stuk of 4 opgekregen. Dit door héél traag internet en/of stroomonderbrekingen.

We zitten hier dus aan de voet van de vulkaan Tinjani in het noorden van Lombok. Hier op deze hoogte vrij veel bewolking en de vulkaan heeft zich nog niet helemaal laten zien. Het guesthouse waar we logeren is zeker niet slecht. De meesten komen hier om de trek naar de top voor te bereiden. Velen doen een poging, weinigen slagen in hun opzet. Dit is ook de reden waarom wij, als niet getrainden, ons programma hebben gewijzigd. We gaan een goeie wandeling doen omheen de vulkaan en van enkele traditionele dorpen genieten.

Deze morgen kennis gemaakt met onze nieuwe chauffeur Remy. Om te starten ging alles heel goed. Hij vertelde over zichzelf en over hetgeen we zagen onderweg. Kocht zelfs apennootjes om aan de apen te geven op Monkey Road. Wanneer we gingen lunchen kregen we een andere Remy te zien. Hij at en dronk op onze kosten. Tijdens een volgende stop confronteerde ik hem ermee maar hij wou niet toegeven dat hij op onze kap had geleefd. Wij hebben trouwens bij de boeking van onze reis alle onkosten voor de chauffeurs en/of gidsen reeds betaald. Dus dit is puur geld in zijn zak steken. Dus ... goed gesprek gehad met hem en zand erover.


Rinjani Vulkaan:

Gunung Rinjani of de Rinjani vulkaan is een op het eiland Lombok gelegen actieve vulkaan. Tevens is ze één van de hoogste bergen van Indonesië (3726m), voorafgegaan door de Kerinci Vulkaan op Sumatra (3800m).
Van op de Rinjani kan je op een heldere dag schitterende vergezichten zien. Er ligt een kratermeer en een natuurlijk heetwaterbron die (volgens locals) een geneeskundige kracht zou hebben. De beklimming van de Rinjani neemt ongeveer 3 dagen in beslag.
Omdat dit een erg afgelegen gebied is beschrijven geschriften pas in 1847 van een uitbarsting. In 1994-95 is er ook wat activiteit geweest en deze resulteerde in de verdere groei van de vulkanische kegel Gunung Baru.
Op 27 april 2009 werd de vulkaan weer actief. De klimroutes naar de top werden gesloten. Op het hevigste moment van de uitbarsting bereikten de aswolken een hoogte van 8km.
Februari 2010 werd een rookpluim van zo'n 100m hoogte gezien boven de krater.
Op 1 mei werd er opnieuw een rookkolom met kracht de hoogte ingestuwd met een geschatte hoogte van 1300 tot 1600m.
Op 5 mei 2010 werd een aswolk van 5.5km uitgestoten en dreef 150km naar het noordwesten. Hierop werd de alarmstatus van de vulkaan verhoogd naar 2 op een schaal van 4.
De recentste activiteit was op 23 & 24 mei 2010. Er stroomde lava uit de kratermond in het meer waardoor de temperatuur van 21 naar 35°C steeg. Gewassen werden beschadigd maar deze uitbarsting leverde geen onmiddellijk gevaar op voor de bewoners.
Het landschap op de lagere en middelhoge gedeelten van de berg zijn vrij zwaar bebost. Boven het beboste gebied zijn de hellingen kaal en ruw en bestaan ze uit vulkanisch gesteenten. Vanaf de kraterrand zijn de uitzichten prachtig en zeker de zonsopgang. Bij helder weer kan je in het westen zelfs Bali en in het oosten Sumbawa zien.
Fauna en Flora: Zoals al is geschreven zijn de lagere en middelhoge hellingen zwaar bebost met tropische plantensoorten. Opvallend zijn het hoge aantal vijgenbomen. Hogerop de naaldbomen, Casuarina en uiteindelijk verandert het gebied in dat van de hooglanden met alpine vegetatie.
Lombok ligt direct ten oosten van de Wallace Lijn en enkele Australische vogelsoorten zijn hierdoor aanwezig, o.a. de Kakatoe's en groene papegaaien. De vogels zijn jammer genoeg moeilijk te spotten door de dichtheid van het woud.
De welbekende Langstaart Makaken ("Bali Tempel apen.") komen hier in overvloed voor en houden zich op tot aan de kraterrand. Groter wild is ook te ontdekken maar zijn vaker te horen dan te zien.
Het klimaat: De Rinjani kan het best beklommen worden in het droge seizoen tussen de maanden april en november. Het is uiteraard mogelijk om de vulkaan tijdens het regenseizoen te beklimmen. Tijdens hevige neerslag zal de beklimming geschrapt worden.
Eens boven de 2000m kan het erg koud worden. Op de top is het vaak maar net boven nul, warme kleding is dan ook zeer zeker nodig.

Dag 22: 07 november 2013: Senaru - Labuan Pandan.

Wandeling in de jungle rond de Titjani. Bezoek van dorpjes met plaatselijke gids.

Overnachten in Homestay.


Dit was echt een toffe dag. Op tijd uit ons nestje. Alles weer inpakken, gaan ontbijten. Na het eten kennis gemaakt met de plaatselijke gids, Cutknee.

We werden met de auto enkele kilometers verder afgezet en trokken de jungle in. Onderweg kregen we uitleg over bomen, planten en dieren. Konden van korter bij kennis maken met verschillende fruitsoorten en proefden ook van enkelen. Voorbeeldje: De cacao die nog niet volledig volgroeid was werd opengebroken en de slijmerige cacaobonen werden in de mond gestoken. Dit smaakte erg zoet en was lekker. De bonen zelf mochten niet gekauwd worden omdat hier de cacao in zat en erg bitter zou zijn geweest. Op ons pad kwamen we verschillende dorpen tegen waar ze amper een witte hadden gezien. Kinderen waren verschrikt, ouderen bleven op afstand en de mannen durfden ons niet te bekijken. Het ijs werd gebroken en via Cutknee kregen we heel wat informatie. Ook kwamen we een groepje zwarte Makaken tegen, deze laten zich niet altijd zien en hadden dus ook nog wat geluk. De vier uur durende tocht was voorbij voor we het wisten en eindigde aan een waterval. We konden hier wel een gratis douche nemen maar deden dit wijselijk niet, al was het heet. Al onze kleren waren druipnat van het zweet en we moesten nog de finale overleven. Vierhonderd trappen stonden ons te wachten.

Eens boven stapten we naar de guesthouse en dronken er wat fris en aten onze lunch.

Met de auto naar Oost Lombok. Onderweg af en toe gestopt om bvb een moskee, 8ste eeuw, te bezoeken. Gestopt aan zee met zwarte strand om wat foto’s te nemen en beentjes te strekken. Hier stond een boom met vruchten aan. Remy begon met een tak naar deze vruchten te gooien. Ik proefde ze en stond versteld van de zoete smaak en dat het een goede dorstlesser was. Een camion chauffeur zag ons in het voorbijrijden sukkelen, de vruchten die we moesten hebben hingen hoog. Hij stopte, reed achteruit, klom op zijn laadbak en gooide de vruchten naar beneden. Er werd nog goed gelachen en aten buikje rond. Hierna lachten we ff groen! We vertrokken terug en hadden platte band. Op zich zo geen enorm probleem maar in open zon met zo’n temperaturen is dit moordend. En plus was er nog een dwaze die juist naast onze wagen in tegenovergestelde richting in de zachte berm reed en vastzat. Heel de weg geblokkeerd. Er konden nog net brommers door. De andere chauffeur hielp ons met het vervangen van de band. Met een touw werd hij uit het mulle zand getrokken. Voila probleem weer opgelost.

Ik moet eerlijk zijn. Remy was vandaag een hele andere vent. Hij zorgde goed voor ons. Kocht mango’s op de markt (die we ‘s avonds versneden in de homestay kregen). Wou zelfs onze frisse drankjes na de platte band betalen, dit mocht hij uiteraard niet! We hadden niet veel vertrouwen meer in hem maar hij verdient zeker een tweede kans.

In de homestay leerden we een koppeltje Zwitsers kennen. Deden een toffe babbel en kregen van de uitbaters een heerlijke diner voorgeschoteld. Na het eten nog een babbel met de gastheer en bedje in.


Dag 23: 08 november 2013: Labuan Pandan - Tetebatu.

Een boottrip vanaf Labuan Pandan, een bezoek aan Limbunan (hopelijk zal dit mogelijk zijn?) naar Tetebatu.

Overnachten: Green Orry.


Na onze gebruikelijke pannenkoek met banaan of ananas als ontbijt, deze keer onze watersloefkes, handdoek en snorkelgerief inpakken. Ook onze zakken natuurlijk, we veranderen weer van slaapplaats.

Na een uurtje rijden kwamen aan de Labuan Pandan. Een haventje, tijdens een wandeling zou je er voorbij zijn zonder het ook maar opgemerkt te hebben. De auto werd geparkeerd onder enkele palmtakken en wijle weg. Een vrij grote boot met een wat modernere motor als de vorige keer. We werden er deze keer niet doof van. Onze gids stelde voor om eerst even in open zee te gaan snorkelen. “Jammer genoeg was het laag water.” zei hij? Oh oh wanneer ik in het water ging was alles koraal. Duizenden vissen zwommen rond me. Nemo-tjes kwamen arrogant tegen mijn bril zwemmen … maar nog steeds geen schildpadden. Na een tijdje te hebben rondgedobberd terug op de boot en naar het eiland. Een bounty eilandje waar geen levende ziel was te bekennen behalve een visser. Genoten van onze lunch en nog wat snorkelen. Daar toch even in de problemen gekomen met de stromingen. Geen levensgevaar maar toch een verwittiging dat de natuur wreed kan zijn. Ik snorkelde zonder vinnen en kon niet tegen de stroming op.

Na het genieten met volle teugen naar de homestay gereden waar we in een nette kamer terechtkwamen.

De uitbaters waren erg vriendelijk en mevrouw kookte voor ons een heerlijk diner. Soep, vis, kip en omelet met rijst.

Na het eten nog een gezellige babbel met het koppel uit Zwitserland en met de uitbater die wel heel veel vragen stelde over het leven in Europa. Hij was zeker niet de enige. Vele Indonesiërs stellen vragen om naar Europa te komen. Ze stellen het hun allemaal zo rooskleurig voor dat ik wel kan verstaan dat we bij ons bij momenten verzuipen in de vluchtelingen. Na wat info kwamen ze al wel weer terug met beide voetjes op de grond.

Toch nog even vermelden dat we met een platte band hebben gezeten. Het water droop van ons af, verschrikkelijk warm was het. Remy lostte het probleem vakkundig op en we konden weer verder.

Bedje in morgen weer verder trekken.


Dag 24: 09 november 2013: Tetebatu.

Wandeling naar Lendang Nangka.

Dance Pengadangan. De lunch nuttigen we in Pringgsela waarna we doortrekken via Masbagik naar Loyok & terug naar Tetebatu.

Overnachting: Green Orry.

Hoe moet ik hieraan beginnen. Deze dag zal toch wel een hoogtepunt zijn en dit niet alleen voor de Indonesië reis.

‘s Morgens een flinke wandeling gemaakt tussen de rijstvelden van Lendang Nangka. Dit met een plaatselijke gids (Yani). Het was uiteraard niet de eerste keer dat we dit deden maar telkens opnieuw wordt er iets meer verteld en kom je natuurlijk in contact met de plaatselijke bevolking. Omdat we vrij vroeg waren was er veel activiteit op het veld. Eens 10u00 worden de temperaturen onmenselijk, en zeker voor ons. We maakten kennis met de 1ste klasse rijst. Deze soort moet zes i.p.v. drie maanden groeien en rijpen. De top van de plant heeft altijd een zwart puntje. Deze rijst vergt meer aandacht van de boeren maar brengt ook meer geld op. Deze rijst wordt vooral gebruikt om rijstwijn en rijstmeel van te maken om bv. cakes van te maken. We konden het hele groeiproces bekijken. Dit omdat ze in deze omgeving tot drie oogsten per jaar hebben. Het klaarmaken van het veld, rijst zaaien, de jonge rijst trekken, het uitplanten, de irrigatie, de verschillende groeistadia tot het oogsten. De gewone rijst wordt vrij bruut afgesneden (rijst wordt eraf geslagen). De eerste klasse rijst wordt aar per aar manueel afgeknipt en verzameld. Verder zagen we nog de verschillende hot pepper soorten, groene & zwarte bonen, ananas, … Rond de velden staan dan steeds verschillende soorten bomen die wel voor het een of andere gebruikt worden. Kortom, voor we het wisten waren we 4 uur aan het stappen en hadden we weer heel wat opgestoken.

Hierna met de wagen vertrokken naar Pringgsela. Dit is een vrij grote stad waar veel armoede is. Een van deze bewoners, Erwin, heeft het inzicht gehad om een coöperatieve op te richten. Door heel de stad door probeerde hij vrouwen die de weefkunst beheersen, te overtuigen om hun kunstwerken op een centraal punt te verkopen. Toeristen durven namelijk amper de ‘bidonvilles’ inlopen en dan is er helemaal geen verkoop. De opbrengst gaat in eerste plaats naar diegene wie het weefsel heeft gemaakt. De meeropbrengst wordt opgespaard om bepaalde projecten mee te sponsoren, zieke mensen naar het hospitaal te kunnen sturen, kinderen de mogelijkheid te geven om naar school te gaan (i.p.v. te gaan bedelen). Bij Erwin thuis kregen we een lekkere lunch aangeboden en kochten twee mooie sjaaltjes. Op dat ogenblik wisten we nog van niets en dachten dat Erwin de slimste probeerde te zijn. Dat hij geld sloeg uit het werk van anderen. Tot we de volledige uitleg hadden gekregen. We werden wat rood omdat we op de sjaaltjes (10€/st, +/- drie dagen werk aan) hadden afgeboden.

Na de lunch werden we op sleeptouw genomen door Erwin. We wisten dat we gingen kijken naar dans en stokgevechten. Dat dit zou gebeuren op de manier dat wij het hebben meegemaakt, nee, we zouden het waarschijnlijk niet hebben gedaan.

We werden naar een ander dorp, Masbagik, gebracht. Daar stond ons een ‘band’ op te wachten met verschillende drums en andere slaginstrumenten, fluiten, … Een bloemenkrans werd om onze nek gehangen en we moesten de stoet trekken terwijl een meisje rijst voor onze voeten gooide. Wat waren we verlegen! Wij tweeën door het dorp, bekeken door honderden mensen dit tot aan een overdekte plaats waar we moesten plaatsnemen. De muziekinstrumenten werden voorgesteld en enkele traditionele dansen werden uitgevoerd. We kregen een stokkengevecht te zien en moesten zelfs ff meedansen. Wow wat een ervaring. Op het einde vroegen ze ons om, als steun, een bamboe fluitje en een schuursteentje te kopen. We gaven hun ongeveer/omgerekend een 8€ erbij. Ze trokken nogal ogen ocharme. Dit was voor hun véél geld.

Verder naar Loyok. Daar wat hetzelfde principe maar hier deden ze aan potten bakken. Jan zorgde voor de verkoop van de potten. Dit ten voordele van de (wees) kinderen of ouders die gingen werken op Maleisië om het kopke boven water te kunnen houden. Jan vroeg ons om in de klas te gaan en zoveel mogelijk Engels met hun te spreken. We mochten kennis maken met een twintigtal kinderen. We ondervonden dat ze veel meer Engels konden als de doorsnee kinderen dat meestal beperkt bleef tot: “Hello mister!” en “Where do you come from?”. Een dikke proficiat voor de kinderen en de (ongeschoolde) leerkrachten was meer dan op z’n plaats. Als ons bezoek ten einde liep vroegen de kinderen nog onze naam in hun schriftjes te schrijven met een boodschapje erbij. Net als een paar (voetbal, tennis, rock) sterren deden we dat dan ook. We kochten een asbakje (meer kunnen we niet meenemen op de vlieger) en gaven hun ook een klein extraatje.

Deze belevenissen hebben ons echt deugd gedaan. Ze waren meer dan tevreden met hetgeen we ze hadden gegeven! We hebben nooit het gevoel gehad dat ze aan het jagen waren achter het grote geld (dat wij kleine Belgjes hun toch niet kunnen geven).

Voor ons was deze dag écht wel speciaal!


Dag 25: 10 november 2013: Tetebatu - Sengigi.

Wandeling met een bezoek van een waterval tussen Tetebatu en Sengigi.

Als alles loopt als gepland zullen we 's avonds de boot nemen naar Gili Air.

We overnachten in Manta Dive.

Vandaag een wandelingetje door de jungle gemaakt naar de waterval. In de verte wat zwarte Makaken zien spelen in de bomen.

Gaan douchen in de Green Orry Inn en daarna vertrokken naar Sengigi. Onderweg in Mataram gaan lunchen. In Sengigi werden we met de speedboot in enkele minuten naar Gili Air gebracht en genoten we nog van de rest van de dag.

We hebben lekker gegeten in het restaurant van Manta Dive. De Indonesische keuken is wat eentonig maar hier was het wel echt smakelijk.

Slaapwel.

Ow vergeten! Ik heb tijdens het snorkelen op Gili de eerste waterschildpad gezien. Goodbye

Dag 26: 11 november 2013 Gili Air.


Genieten van de rust op Gili Air.

Tweede overnachting in Manta Dive.

's Ochtends een wandeling gemaakt op Gili. Deze viel wat groter uit dan voorzien. We hadden niets mee om ons te beschermen tegen de zon. Het was gewoon een oven. Van boven uit een grill, onder heet zand. Mich haar kopke zag bloedrood. Op blote voeten rondlopen was niet te doen zonder blaren op te lopen. Na de wandeling rustig aan het strand gezeten, af en toe een plonske. Gewoon relax.Big_Grin

Eiland Gili Air:




De Gili Air is een tropisch eiland ten westen van Lombok. Het maakt deel uit van de Indonescische eilandgroep: "De Gili Eilanden". Gili Air is het kleinste eiland van de Gili Eilanden en ligt het dichtste bij Lombok. De overige Gili Eilanden zijn: Gili Meno en Gili Trawangan.

Het eiland is bereikbaar vanuit Bangasal Harbor op Lombok. Langs de kust zijn er veel toeristische accommodaties te vinden.Op het eiland zelf is geen gemotoriseerd verkeer.

Dag 27: 12 november 2013: Gili Air.

Gewoon rust!

Overnachting in het Manta Dive Hotel.

Vandaag andere kant van het eiland bekeken. Terwijl naar de rederij geweest die ons naar Bali moet brengen. Winkeltjes bezocht, snorkel voor Mich/mama gekocht. Eindelijk wou ze mee. Het zal misschien door mijn enthousiasme geweest zijn. Vandaag geen turtles gezien, wel véél vis!! Ghost Verder genieten van het mooie uitzicht met een natje en een droogje. Hier kan je honderd jaar worden! Cake

Dag 28: 13 november 2013: Gili Air.


Platte rust en ons een lekker laten verwennen!

We overnachten steeds in het Manta Dive Hotel.

Beetje hetzelfde als gisteren. Gewoon geen wandeling gemaakt. Veel gesnorkeld. En eindelijk bij de laatste 'dive' een schildpad gezien. Mama/Mich content! Drinks

Straks nog valiezen maken, morgen gaan we terug op stap. Om 09u45 komt onze taxi langs. Cool

Dag 29: 14 november 2013: Gili Air - Bali, Ubud.


In de ochtend lopen we dan weer terug naar de haven voor de ferry naar Bali. Vandaar kunnen we dan met de bus van de rederij naar het hotel.

We overnachten in Ubud Indira Cottage:

Speedboot, snelle overzet en een transfer was er nodig om in ons hotel te geraken te Ubud. Tijdens de transfer zijn we in een ceremonie gesukkeld. Hierdoor moesten we anderhalf uur in de blakende zon staan. In de plaats kregen we wel een kleurige optocht te zien.

Het hotel heeft wel heel mooie kamers. Ruim, proper en een badkamer met inloop douche en ligbad. Deze keer geen zeewater.Big_Grin We plakken niet meer. En mét zwembad. Al enkele baantjes getrokken. (zijn er maar van 10m zulle.)
Met de manager een uitstap geregeld om Ubud beter te leren kennen. Dus morgen hier zeker meer over.
Nu klaar om dinner te gaan nemen. Buiten een sober ontbijtje hebben we nog niets gegeten. Gaat dus zeker wel smaken.


.

Dag 30: 15 november 2013: Ubud, Bali.

We maken daguitstap om Ubud beter te leren kennen.

Overnachtingen in Ubud: Indira Cottage.

Begonnen met groene pannenkoeken. We denken dat ze gemaakt werden met advokados? Anders kan je nooit die groene kleur krijgen. (zie foto)

Gisteren hadden we dus met de manager (Gusti) van het hotel een rondrit geregeld om kennis te kunnen maken met Ubud.

We hebben “The Elephant Cave Temple” bezocht. Deze lag mooi in de natuur. Wel vele trappen maar het weer was niet goed. Met wat regen maar we zijn wel meer dan dat gewoon. Het is een eeuwenoude site waar nog nauwelijks te herkennen beelden worden tentoon gesteld. We waren er vrij vroeg bij dus waren er nog niet te veel toeristen.

Tweede was “The Moon Temple”. Deze werd gerenoveerd en het meeste van de bezienswaardigheden werden veilig onder zeil gehouden. Jammer dat we dit niet in tact konden zien.

“The Holy Spring” was wel mooi om te zien. De hindoes komen er om zich in het water te dompelen en te bidden. Altijd mooi om te bezoeken, sites die nog steeds van belang zijn bij de plaatselijke bevolking.

Tijd voor het bezoek aan de koffieplantage. Niet zo maar eentje. Hier werd de Luwak koffie vervaardigd. De Luwak is een wild dier die zich voedt met koffiebonen. Deze worden niet echt verteerd en zijn terug te vinden in de uitwerpselen. Deze bonen worden uit de ’kak’ gevist, gepeld en gebrand. Op het einde van de tour kregen we een achttal soorten koffie en ook zoveel verschillende thees gepresenteerd om te proeven. Als we Luwak koffie wilden moesten we 50.000 IDR betalen. We hebben hem uiteraard geproefd. Straffe koffie zullen maar toch wel een lekkere smaak. Onderin de kop ligt dan een koffielepel of 4 van het koffiegruis, die wij filteren in de zak. Een once in a lifetime experience!

Opsomming van koffies en thees dat we voorgeschoteld kregen: o.a. Luwak Coffee, Bali Coffee, Gingseng Coffee, Bali Cocoa, Vanilla Coffee - Ginger Tea, Rosela Tea, Lemon Tea, Bali Tea, Lemon Gras Tea, Rice Tea.

Doorgereden naar het topje van de berg. Ook hier moest weer betaald worden om de site te mogen bekijken. Het uitzicht was héél mooi. De actieve vulkaan (laatste uitbarsting in 1994) Batur met zijn lava er rond en meer. Dit met uitzicht op een andere vulkaan, Agun te Kintamani.

Hier hebben we lunch gegeten en tevens was dit ook de streek van de appelsientjes.

Wanneer we de berg verlieten werden al de chauffeurs met toeristen tegengehouden. Onze chauffeur ging in de asbak, nam er wat geld uit, stapte uit de auto, de agent keek ff in de kofferbak door de ruit, kreeg 30.000 IDR toegestoken en weg waren we weer. De confrontatie met corruptie is een echte schande!!

We zijn dan de rijstterrassen gaan bekijken in de omgeving van Galalang. De chauffeur vertelde ons wanneer we een foto namen de boer zou komen vragen achter geld. Samen met de chauffeur gingen we de berg op en kregen we de terrassen te zien. Ze waren mooi maar om er nu voor te moeten betalen hebben we er véél andere gezien! De chauffeur wou nog een stapje verder gaan en wie kwam er ineens achter de struikjes? De boerin natuurlijk die ons weer van alles dacht te kunnen verkopen. Ook deze trok weer aan het kortste eindje. Door den duur wordt je het een beetje beu om je om te draaien en hiervoor te moeten betalen. We verstaan het wel hoor. Iedereen wil een stukje van de cake hebben.

Doorgereden terug naar Ubud centrum om daar naar de schilderkunst te gaan kijken. Hele mooie werken maar niet voor onze portemonnee + hoe het te vervoeren?

Normaal zouden we het zilver smeden en houtsnijwerken moeten bezocht hebben maar hebben de chauffeur gevraagd om ons terug naar het hotel te brengen. Het was genoeg geweest voor één dag.

Ff site in orde brengen, plonske doen, dinner en nog wat nagenieten. Mooie dag gehad.



Dag 31: 16 november 2013: Ubud, Bali.

Vandaag staat er een fietstocht op het programma! Wij hebben zeker al 10 jaar niet meer met de fiets gereden!? Afwachten wat dit wordt.

Overnachting in Indira Cottage Ubud.

Na het ontbijt werden we al opgewacht door chauffeur van onze fietstour. Onderweg gingen we nog vijf mensen (uit Londen en Texas) ophalen. De schrik dat we te kort gingen komen kwam opzetten. Het was om en bij de 10 jaar geleden dat we nog eens op de fiets hadden gezeten. Als we dan de groep zouden ophouden, dat zou niet tof zijn.

Met de groep nog eens gaan ontbijten bij dezelfde vulkanen als gisteren. Niettegenstaande de herhaling was het wel aangenaam. Daarna nog eens gaan koffie proeven … Dan kwam de fietstocht van 25km eraan. Deze viel alles te samen nog redelijk mee. Voor 95% was het bergaf fietsen, dus moesten we helemaal niet onderdoen voor onze jongere reisgenoten. Het ging wel onwennig, links rijden, overal kinderen, honden … op straat, het gevaarlijke verkeer rond je op de smalle wegen. Maar … we hebben het overleefd. Er was nog een optionele tocht van 9km maar daar hebben we voor bedankt. De rest van de groep trouwens ook. Gelukkig maar want nog geen kwartiertje later is het beginnen te regenen, ja amai. Wij zaten lekker aan de lunch (alles inbegrepen in de tour) als er andere groepen binnenkwamen die wel de bergop tour hadden gedaan. Allemaal druipnat natuurlijk. Het eten was lekker en in buffetvorm, ook zoals gisteren.

Met de auto terug naar Ubud. We konden nog het Monkey Forrest bezoeken maar hebben hiervoor

Terug naar Sanur …. en de cirkel is rond!!

Dag 32: 17 november 2013: Ubud - Sanur, Bali.

Om negen uur afspraak met chauffeur voor transfer naar onze laatste dagen, Sanur.

We overnachten in: Hotel Puri Kelapa te Sanur.

Hotel is simpel maar proper en goed gelegen. Eens buiten zit je in het midden van Sanur. Honderd meter van het strand en even ver van het centrum. Het eten is er lekker met een toffe bediening. 'Mama' verzorgde ons goed. De kamer is vlak aan het restaurant maar daar hebben we helemaal geen last van. Zoals al gezegd is het een simpel hotel maar als werkt er. Héél wat televisiestations op tv, douche en wc werken perfect, ...

Dag 33: 18 november 2013: Sanur, Bali.

Vrije dag te Sanur.

We overnachten in: Hotel Puri Kelapa te Sanur.

Dag 34: 19 november 2013: Sanur, Bali.

Vrije dag te Sanur.

We overnachten in: Hotel Puri Kelapa te Sanur.

Elke dag sinds we op Bali zijn heeft het hier al enkele uurtjes geregend. Vandaag was daar een onweer bij om U tegen te zeggen. Genoeg om me buiten te krijgen en het te filmen.

Dag 35: 20 november 2013: Sanur - Denpassar - Kuala Lumpur - Abu Dhabi.


Een auto zal klaar staan om ons op tijd naar de luchthaven van Denpassar te brengen.

Hadden we weer het geluk dat Air Asia 3 uur vertraging had. Juist op tijd in Kuala Lumpur voor de vlucht naar Europa. Beetje geluk mag ook wel zeker.

Verder is de reis vlekkeloos verlopen.

Einde reis.

Dag 36: 21 november 2013: Abu Dhabi - Brussel - Oostende.

Mijn kersverse schoondochter was zo lief om ons te komen ophalen op de luchthaven van Zaventem. Gelukkig want het temperatuurverschil was erg groot. We bibberden ver uit ons vel. Valiesjes open en wat kleren bij aangedaan. Het zit erop, We hebben er echt van genoten.

 

Print Friendly and PDF

 

 

 

Fotoalbums van Indonesië

Wasuemba (27)

11 November 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 12 Mei 2015

  • Wasuemba
  • Eten dat we vonden bij laag water!
  • Balanceren maar ...
  • Neushoornvogel

BauBau (29)

09 November 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 12 Mei 2015

  • Schelmerij ...
  • Fort Wolio
  • Pareltje
  • Zorgen voor zusje

Togean Islands: Bomba (13)

04 November 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 12 Mei 2015

  • Idd Island Retreat ;)
  • Aankomst Bomba
  • Island Retreat
  • Island Retreat

Bada Vallei (23)

31 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 31 Oktober 2014

  • Arend, Bada Vallei.
  • Korf willekeurig in het water plaatsen, voelen of
  • Grootste megaliet, Palindo, Bada Vallei.
  • Alles kan hier op de brommer, Bada Vallei.

Tentena (9)

27 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 27 Oktober 2014

  • Tentena 040
  • Tentena 066
  • Tentena 033
  • Tentena 016

Pendolo (8)

27 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 27 Oktober 2014

  • Pendolo 006
  • Pendolo 004
  • Pendolo 007
  • Pendolo 009

Toraja Trekking (29)

27 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 27 Oktober 2014

  • Trekking Rantepao 116
  • Trekking Rantepao 059
  • Trekking Rantepao 075
  • Trekking Rantepao 081

Ceremonie Tana Toraja (36)

22 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 22 Oktober 2014

  • Gebed door Katholieke priester, Toraja.
  • Geofferd, Toraja.
  • De werkers bereiden alles voor, Toraja.
  • Andere dorpen komen condoleren, Toraja.

Rantepao, Tana Toraja (19)

22 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 22 Oktober 2014

  • 300 jaar oude rotsgraven te Suaja, Toraja.
  • Toraja.
  • Suaja, Toraja.
  • Suaja, Toraja.

Sengkang (8)

20 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 20 Oktober 2014

  • Viskwekerijen onderweg van Bira naar Sengkang.
  • Tempe Lake Sengkang.
  • Tempe Lake Sengkang.
  • Tempe Lake Sengkang.

Bira (16)

19 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 19 Oktober 2014

  • Bira 2 034
  • Bira 2 030
  • Bira 2 016
  • Bira 1 047

Malino (11)

16 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 16 Oktober 2014

  • Tijdens wandeling watervalletje bezocht. Malino.
  • Malino
  • Malino
  • Villa Tengah Sawah, Malino.

Makassar (41)

12 Oktober 2014 | Sulawesi | Indonesië | Laatste Aanpassing 12 Oktober 2014

  • Zoek de zwarte Makaak.
  • Makassar 009
  • En ge krijgt allemaal den goeiendag!!
  • Mango's plukken, Barombong.

Gili Air (11)

11 November 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 11 November 2013

  • Zwembad Manta Dive Gili Air.
  • Gili Air.
  • Tweede zwembad Manta Dive.
  • Kamer hotel, Manta Dive. Gili Air.

Lombok (77)

03 November 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 06 November 2013

  • Mooi panorama met Rinjani op achtergrond.
  • Portret.
  • Onze boot en kapitein.
  • Oude boom Tete Batu.

Rinca (20)

02 November 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 02 November 2013

  • Roofvogel.
  • Komodo varaan, Rinca.
  • En dan maar gaan snorkelen.
  • Onze Ranger Abdul.

Flores (71)

26 Oktober 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 26 Oktober 2013

  • Neen geen vogelverschrikker! Het menske wist niet
  • Lunch on Paga beach.
  • Portret.
  • Kerkje Sikka

Oost Sumba (23)

23 Oktober 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 24 Oktober 2013

  • Rende Village in de buurt van Melolo, Oost Sumba.
  • Gewoon straatbeeld op Sumba.
  • Kilometers lange prachtige stranden, helemaal verl
  • Ikat.

Bali (50)

19 Oktober 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 19 Oktober 2013

  • Steegje naar ons hotel. Gelukkig viel dit wel goed
  • Indonesische dans, Sanur.
  • Elephant Cave Temple in Ubud.
  • Bali is Hindoe.

West Sumba (59)

19 Oktober 2013 | Indonesië: Sunda eilanden | Indonesië | Laatste Aanpassing 23 Oktober 2013

  • Bondokodi River gebruiken ze voor alles: drinken,
  • Mich/mama maakt de kindjes weer blij.
  • Deze man is volgens onze gids een meester in het d
  • Pantai Ratenggaro.

 

Plaats een Reactie

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking