Reisverhaal «De helse tocht over de pas!»
My First Trip...
|
Nepal
|
0 Reacties
08 December 2005
-
Laatste Aanpassing 08 December 2005
Het was nog het diepste van de nacht toen we uit onze warme slaapzak moesten kruipen. De ruimte om ons heen was ijskoud. De wind gierde door de kieren van het raam naar binnen. Enkel onze eigen adem bracht een vluchtige stroom van warmte. Gelukkig was er ook de adrenaline in ons lichaam die dze bittere koude trachtte te camoufleren. Maar goed. Na 14 dagen stonden we eindelijk aan de voet van onze laatste steile klim . Nog 1000 meter hoogteverschil overwinnen; dat was het doel. Het was 04.50 's morgens en buiten stond de thermometer op -10, -12 graden Celsius.
Er stond ons eerst nog een berg eten te wachten toen we de eetzaal betraden. Een stevig ontbijt en wat warme drank vulden onze maag. Droge broodjes en een onovertrefbare hoop gekookte aardappelen propten we in onze rugzak voor onderweg. Ondertussen was ons groepje nog uitgebreid met Eloise uit Australie en Marjolein uit Nederland. Zo stonden we gepakt en gezakt om 06.30 klaar om aan ons groot mysterie en enorme uitdaging te beginnen. Een Nepalees doet er ongeveer 4 uur om de overkant te bereiken. Een westerling doet er 10-12 uur over....en wij...???
Het was onmiddellijk STEIL omhoog. Iedereen moest zoeken naar het juiste ritme en trapte maar al te vaak op zijn adem. Je werd het nu echt gewaar dat er steeds minder zuurstof in de lucht zat. De sterrenhemel verloor steeds meer terrein door de wassende zon. De witte sneeuw rondom ons kreeg een hemels lichtblauwe schijn over zich. De hoogste toppen werden als eerste verlicht door de opkomende zon die ons de rest van de dag zou vergezellen. Veel tijd om naar ald die pracht te kijken konden we onszelf niet gunnen. We moesten immers tegen 12.00 de top bereikt hebben anders kon het te winderig worden.
Goed op schema bereikten we tegen 08.00 High Camp op 4800 meter. Een hapje eten, even uitrusten en wat bevroren water trachten te drinken en het volgende avontuur wachtte ons om de hoek. Het waren ijsricheltjes van hooguit 30 cm breed die slingerden langs steile afgronden. Elke stap die wij moesten zetten was op z'n zachst gezegd akelig. De minste schuiver zou ons naar diepe kloven doen wegglijden. Spanning troef!
Gelukkig geraakte iedereen, met uitzondering van wat "angstzweet", zonder al te veel problemen over het eerste, tweede, derde, ... oneindig veelste richeltje zodat we, met enige vertraging tegen 10.00 op 5100m aankwamen. Een "peperdure" thee- naar Nepalese normen uiteraard - was de beloning die we onszelf gunde. En zo waren we klaar voor deel 3; op naar de top.
De verwachtingen waren nu pas echt hoog gespannen. Iedereen was al zover geraakt. De laatste twee uurtjes moesten er echt wel bij kunnen. Deze keer werd het een afwisseling van besneeuwde paden en schoorvoetend schuifelen over de losse steenslag. Twee constanten waren onze gezellen. Ten eerste de steeds weerkerende onbeschrijfelijk mooie sneeuwflanken van de kolossaal witte pieken die achter elke helling op weg naar de top opdoken. En ten tweede de steeds ijlere lucht waardoor de ademhaling een opeenvolging werd van korte, vluchtige "hijgjes" waarbij ook de hartslag een veel hogere frequentie aannam. Liesbeth kreeg hoe langer hoe meer het gevoel dat ze niet meer helder kon denken en mijn hoofdpijn kwam steeds nadrukkelijker naar voor. Deze laatste symptomen escaleerden naargelang we echt dichter bij de top kwamen. Helaas was het nog een hele tocht te gaan. Tegen 12.00 hoopten we na talloze klimmetjes eindelijk ons doel bereikt te hebben. Maar helaas! We werden er haast nerveus van dat de top op zich bleef wachten: nog een klimmetje, nog een hopen, nog eens door een stuk sneeuw, weer een topje verder en dan eindelijk de gebedsvlaggetjes in zicht die de top aankondigde. Het werd 12.50. De gevreesde wind was gelukkig nog niet alom tegenwoordig waardoor we volop konden genieten van de uitzichten. 360 graden rondom ons toppen van 6000-7000-8000meter hoogte. Vredig, adembenemend, sierlijk, onbeschrijfelijk mooi. Al dat moois, de energieverslindende klim en het dagenlang verlangen naar dit moment deed ons op die plek enkele traantjes wegpinken terwijl we elkaar innig en intens omhelsden... WAW!
Eigenlijk had er op de top een lodge moeten staan zodat we langer konden genieten van dit moment. Maar goed, dat was niet zo, en dus werden we aangespoord om voort te maken. We hadden nog een lange en zware afdaling in het verschiet.
13.30 we zetten de eerste stappen naar beneden. Direct werden we gewaar dat we een totaal ander landschap tegemoet gingen. In de verte lagen diepbruine rotsige wanden en diepe kloven. Eer we echter daar zouden aankomen, moesten we ons trachten recht te houden op de verschrikkelijke ijsvlakte onder onze voeten. Dit was de echte horror van de tocht! Nooit eerder hebben we voor zo'n steile afdaling gestaan die bovendien meer op een ijspiste leek dan op een begaanbaar pad. ONGELOFELIJK. Maar omdat er geen weg terug was, hadden we ook geen andere keuze...
Hoe lang de weg ook naar de top leek, hoe eindeloos leek de afdeling te duren. Steeds een nieuwe kloof, steeds weer die ijspistes. We snakten naar wat steenslag onder onze voeten om toch iets grip te krijgen. Tevergeefs. Dit eentonige scenario bleef zo uren duren.
14.30 een nieuw moeilijk moment. Ik werd overvallen door een gevoel van leegte. Een opeenstapeling van factoren - die zich laten raden - een immens gevoel van honger en wellicht de eerste symptomen van hoogteziekte maakten het mij bijna onmogelijk om nog een stap verder te zetten. Ik stond als aan de grond genageld. Volledig op, leeg. Als een godsgeschenk kwam er net op dat moment een drager voorbij die tegen een geringe vergoeding bereid was om mij van mijn zware rugzak te bevrijden. Dat was toch al iets1 Ik schrokte vervolgens wat eetbare spullen binnen zodat ik - hopelijk - nog 2,3,4,5...uren verder kon...
Vanaf dat moment was het voor Liesbeth bang afwachten hoe het met mij verder zou evolueren. Gelukkig gingen we steeds verder naar beneden waardoor de hoogteziekte zich normaal gezien niet verder kon doorzetten. Maar gezien mijn geringe fysieke toestand, de vreselijk slecht begaanbare paden en de invallende duisternis zou een mens zich voor minder zorgen maken.
Gegidst door Marjolein, aangemoedigd door de anderen en met grote voorzichtigheid werd de race tegen de klok verdergezet. We hoopten tegen 17.00 uit de sneeuw te zijn waardoor we het laatste uur, weliswaar in het donker, op vaste grond konden afleggen. Maar ook dat was wishful thinking. De tocht bleef eindeloos lang duren en bovendien ging Ingrid tot twee maal onderuit waarbij ze zelfs haar rug bezeerde...
18.00 de verlossing. Op 4290m lag een eenzaam "hotelletje" dat binnenin net iets meer was dan een schuur: door de muren heen kon je naar buiten kijken en het golfplaten dat zat vol kleine gaatjes waardoor de wind ons langs alle kanten om de oren blies. Maar ondanks dat waren we wat blij dat zich deze gelegenheid had voorgedaan. Eindelijk kon ik mij te rusten leggen en na 12 uren slapen kreeg ik warempel een hongerig gevoel waardoor ik stilaan terug op krachten kon komen. Wie Liesbeth wat beter kent, kan zich wel voorstellen dat dit voor haar een hele opluchting was na een meer dan bezorgde en rusteloze nacht...
De volgende ochtend hadden we dan nog een klein wandelingetje van 75min voor de boeg waardoor we dan toch eindelijk op de feitelijke eindbestemming terecht gekomen waren.
Het had alles bij elkaar bovenmenselijke inspanningen gekost om over die pas te geraken, maar het was het meer dan waard. Nooit van ons leven zullen we deze meer dan unieke belevenis bewaren en koesteren tot op onze oude dag!
(aan allen die ons op deze tocht geholpen hebben....super merci!)