Reisverhaal «Intense natuurervaring in het Noorden»

My First Trip... | Thailand | 0 Reacties 28 Januari 2006 - Laatste Aanpassing 28 Januari 2006

Wat moet een mens verwachten van drie dagen trekken door de jungle? Een hoop woeste natuur, veel bamboe, wat dieren en vooral een afgelegen onherbergzaam gebied waar geen spoor van de westerse moderne wereld terug te vinden is. Dat hadden we onszelf voorgenomen. En die verwachtingen werden - wat dacht je - ruimschoots overtroffen....

Het begon wat vreemd toen we tegen 09.30 afgehaald werden door een tuk-tuk die ons naar ons vertrekpunt bracht. We snorden voor het laatsts in drie dagen over een lapje asfalt alvorens de pure natuur in te duiken. Kee, ons natuurgids van 48jaar oud, stond ons op te wachten met ons waterpakket van de dag. En hop, klaar waren we om te vertrekken. Meteeen werden we gewaar wat voor een enorm uitgebreide kennis Kee bezit over de natuur. Doorheen onze drie-daagse tocht heeft hij ons tientallen keren met verstomming doen kijken naar zowat elk plantje op onze tocht dat hij kende, liet hij onze smaakpapillen los op plant en boom en wist hij ons te verbazen door zijn handigheid waarmee hij met plant en boom omging. Voor het eerst in ons leven hebben we dus van bomen gegeten - ja, werkelijk waar, nectar uit bloemen gezogen en gemerkt dat je met bamboo en bananenplanten werkelijk alles kunt doen om het harde leven in de jungle te kunnen trotseren.

Wat het zien van dieren betreft waren onze verwachtingen misschien wel wat te hoog gespannen. Geen grote veelkleurige vogels die ons van hun wijsjes lieten genieten, geen wilde kippen, honden of varkens in ons gezichtsveld die er wel moesten rondlopen, maar wel ontelbare tropischgekleurde vlinders - soms groter dan twee handpalmen - die kriskas om ons heen fladderden, een pak insecten en een paar joekels van spinnen. Het hoogtepunt in het dierenrijk om ons heen was wel Mevrouw de Tarantula! Op de gekende wijze - met een stokje in een hol koteren - lokte Kee het beestje uit zijn rustplaats. Enige seconden later lag het giftig monster, dat in staat is om een 2meter lange slang aan te vallen, te doden en op te eten tot enkel het vel overblijft, voor ons. Het was een echt vies harig tuig. Haar twee dodelijke giftanden waren duidelijk zichtbaar. Waar wij dit als een te mijden beestje beschouwen, bleek dat dit kreng voor de plaatselijke bevolking een zoveelste lekkere hap op hun menu kon zijn. Zij verwerken dit dier in hun zelfgemaakte alcoholische drank of vermengen het in hun soep...Yammie?

De tarantula was dus een van de dingen die we onder de rubriek "eetbaars uit de jungle" kunnen plaatsen.  Andere merkwaardigheden waren: koken van soep met de bloemblaadjes van een bananenplant (wat we als zurig en niet al te lekker ervaarden) - wilde aardappelen, die een iets of wat vulkanische buitenkant hebben met daarin een licht oranje harde substantie, eten - kauwen op het licht verslavende beetelblad tot je mond en tanden er helemaal rood van worden - en het likken aan de kaneelboom waarbij elk deel schors de diep indringende en zuivere geur en smaak te weeg brengt die thuis uit het gelijknamige potje van het kruidenrek voortkomt. Echt allemaal bizar. Het gaf te denken hoe zeer wij, westerlingen, van de natuur vervreemd zijn en niets of nauwelijks niets meer afweten van de oerplant waaruit allerlei lekkers voorkomt. 

Buiten al dat eetbaars op ons woeste en onherbergzame pad leerden we ook hoe de natuur een apotheek, kruidenierszaak of supermarkt kon zijn. Malaharia behandelen ze hier door het hout van een boom te laten trekken tot een bittere thee, shampoo komt tot stand door een andere schors fijn te malen tot schilfers die beginnen te schuimen door ze in contact te brengen met water, touw haal je weer van een andere boomschors die je gewoon afpelt, in repen scheurt en vervolgens vlecht tot een oerdegelijk touw, zeepbellen kan je blazen door een blad van een struik in twee te breken en het sapje dat hieruit voortkomt tot de gewenste vorm te blazen, ...en zo heb je gelijkaardige werkwijzes voor het maken van zonnecreme, zalf tegen muggenbeten, enz... . Wat een wereld!!! We wisten vaak niet wat we zagen.

En dat was ook zo bij ons eindpunt van de dag. Nadat we een hele dag door de rivier gedabberd hadden, was ons "gueshouse" het plaatselijke Karendorp. We kwamen aan bij de schoonouders van Kee die hier reeds enkele generaties leefden te midden van dier en natuur. Op hun domein stond een hut, liepen een vijftal grijze varkens lomp te wezen, wiegelde moeder kip met haar kuikens heen en weer op zoek naar iets eetbaars, blafte de hond naar alles wat hem vreemd leek en vlogen de hanen van boom naar struik dat het een lieve lust was. Voor ons was er een open ruimte zonder deur ter beschikking. Het was eigenlijk de doorgang naar hun slaapkamer en offerplaats voor de goden. Hier zouden we op het geschaafde teakhout de nacht doorbrengen. Maar eerst konden we ons nog wat opfrissen aan de verkwikkende douche in het half doorzichtige houten douchekot - zo iets eenvoudigs hebben we zelf niet in Nepal gekend - en ons wel doen aan de overheerlijke maaltijd die weer met de grootste zorg voor ons bereid werd.

De nacht brak aan. Tegen 21.00 kropen we onder de wol. Ondertussen had de man des huizes onze klamboe (muskietennet) opgehangen, een opvouwbaar matraske op de grond gelegd en een 4tal dekens ter beschikking gesteld om te koude te kunnen trotseren. De koude bleek voor ons echter geen probleem te zijn. Het was verbazend "warm" in de hut ( een graad of 12). Maar een ander duiveltje weerhield ons om in een diepe slaap te verzinken: de ongerustheid in ons hoofd. Wij zijn het uiteraard niet gewoon in een ruimte te slapen waar jan-en-alleman op gelijk welk moment van de nacht in en uit kan komen wandelen, voelen ons niet meer lekker als we wat geritsel horen en daarbij denken dat een of ander ratachtig tuig stilaan dichter bij ons kruipt en worden herhaaldelijk verrast door het geblaf van de hond, het schot van de jager die 'snachts op de wilde dieren jaagt en het constante gekraai van de haan die duidelijk niet wist dat hij alleen hoort te kukelekuen als de dageraad aanbreekt. Kortom, een woeilge nacht...

De volgende ochtend werden we verwend met de 2cm dikke Thaise pannekoeken en een portie vers fruit. Elke gaatje van onze maag was hiermee weer eens gevuld. Nu kan een mens wel wat gebruiken op zo'n lange tocht, maar ik kan jullie verzekeren dat we tijdens dag drie een lichte vorm van indigestie hadden als Kee ons weer een volgende schotel eten serveerde terwijl wij nog het gevoel hadden dat we nog maar net van de tafel kwamen. Geboeft dat wij hebben op die drie dagen. We waren er echt niet goed van... . 

Met die volle maag sleurden we ons ondertussen verder door droge rivierbeddingen, klauterden we langs rotsige wanden, kietelden de hoge grasharen ons langs onze benen, vonden we koelte onder de kruin van de loofbomen of de wijdse bananenplanten en stonden we te kijken naar de schoonheid van het bamboewoud. En dat laatste, samen met de bamboe, was voor Kee de materie om zijn handigheid te demonstreren. Bij elk rustpunt dat hij inlaste haalde hij zijn groot mes te voorschijn en hakte hij de nodige grondstoffen bij elkaar.  Vervolgens hurkte hij neer en kerfde kopjes, borden, lepels, prikvorken, speeltuigen, kookpotten en drinkbussen uit de bamboe. Of vouwde hij de bamboebladeren tot borden of een hele resem dieren: vissen, buffels, vogels,...alsof het niets was. Kee kon werkelijk alles! Amai...

Dag twee eindige aan zijn, uiteraard, zelfgemaakte hut. Deze was nog een hoop primitiever als die van de vorige nacht. De hut stond werkelijk te midden van de natuur en alles wat er in leefde. De muren waren nog dunner dan ooit te voren en de vloer slechts een laagje bamboe boven de zichtbare grond een meter lager. Nadat Kee zijn rattenklemmen uit....jawel... bamboe uitgezet had, en wij onze maatlijd nog slechts met moeite konden binnenkrijgen, stond ons een zware taak te wachten: nachtrust vinden. Het was hier nog allemaal veel akeliger dan de vorige nachten en elk klein geritsel leek voor ons een groot gevaar. Natuurlijk is er niets weerzinwekkends gebeurd tijdens de nacht en noemde Kee het zelf een stille nacht, maar wij hadden te midden van dit leven geen oog dicht gedaan...

Zo begonnen we ontzettend moe aan onze derde dag. Deze was er bijna te veel aan. Onze magen waren ondertussen ongemakkelijk van de veelheid aan voedsel dat we gekregen hadden en waarschijnlijk ook de veelheid ongekende producten die ons tere ingewanden moesten verwerken, onze slaap was van ons gezicht af te lezen en onze benen wogen aldus als lood. We waren wat blij als er een rustpunt was...en nog gelukkiger toen we tegen 15.00 onze tuk-tuk zagen staan die ons terugbracht naar onze westerse getrouwe consumptiemaatschappij...

Zo eindigde ons 3daags avontuur puur natuur! Het bracht ons ontzettend veel bij en deed ons een diep respect krijgen voor de 100.000den mensen die zo in Thailand leefden en overleefden. Het gaf ons een nog veel dieper besef dat wij ongelofelijk verwende producten zijn van onze wegwerp consumptiemaatschappij en dat er naast dit alles nog een veel creatievere, maar oh zo harde leven bestaat, waarin mens en natuur nog 100procent in harmonie kunnen leven...

Bedankt,Kee.





   

 

Print Friendly and PDF

 

 

 

Fotoalbums van Thailand

General (228)

28 Januari 2006 | My First Trip... | Thailand | Laatste Aanpassing 03 December 2010

  • BANGKOK. WHAT ARUN. Deze dragers die je overal ond
  • AYUTTHAYA. Of een stuk doek van 50 meter kopen en
  • HUA HIN. Toch eerlijkheidshalve vermelden dat we n
  • TREKKING IN MAE HONG SON. Na een stevige dag stapp

 

Plaats een Reactie

 

      
This site is only viewable in landscape mode !
Session Tracking